Een traditie die we in de Lage Landen veel minder hebben dan in de Verenigde Staten of andere Europese landen is die van investeerdersbrieven. Elders hebben fondsbeheerders de gewoonte om elk kwartaal, halfjaar of jaar een brief naar de investeerders in hun fonds te sturen met een update over de portefeuille, hun visie op de markten en vaak nog wat filosofische mijmeringen over de economie, beleggen en het goede leven tout court.

Zo hebben de verzamelde investeerdersbrieven van Berkshire Hathaway, het investeringsvehikel van Warren Buffett en Charlie Munger, doorheen de decennia een Bijbelse status gekregen in beleggerskringen. De memo's van Howard Marks zijn een ander voorbeeld van lezenswaardig beleggersevangelisme dat algemeen als verplicht leesvoer wordt gezien.

Het leuke is dat er voor elk type belegger een schare aan brieven is waar ze hun mosterd kunnen halen. Waardebeleggers kunnen terecht bij Buffett of Jeremy Grantham. Hun tegenpolen, de groeibeleggers, vinden dan weer inspiratie bij bijvoorbeeld Scott Miller van Greenhaven Road. Voor kwaliteitsbeleggers zullen de brieven van François Rochon of Terry Smith veel pareltjes bevatten.

Inspiratie

Zulke brieven zijn een enorm rijke bron van inspiratie, inzichten en informatie. Je leert veel bij over verschillende bedrijven waarin de fondsbeheerders in investeren, over hoe ze de huidige staat van de markten afspiegelen tegen het verleden en over de fouten die ze gemaakt hebben.

Dat laatste is belangrijk, vooral in periodes zoals de huidige, waarin het slecht gaat op de financiële markten. In veel brieven van het jongste jaar zie je de fondsbeheerders met zichzelf worstelen over hoe ze hun, vaak slechte, resultaten kunnen verklaren of goedpraten. Hun uitleg is in sommige gevallen inzicht- en leerrijk, in andere gevallen pure marketing en zelfbegoocheling.

Goede oefening

Investeerdersbrieven schrijven is in feite een oefening die elke belegger voor zichzelf zou moeten doen. Of je nu beroepsmatig een fonds van enkele miljarden beheert of als particulier op de beurs actief bent, het biedt een ongelofelijke meerwaarde om jezelf op regelmatige basis al schrijvend ter verantwoording te houden.

Het loont stil te staan bij elke beslissing die je als belegger neemt. Waarom zie je in het ene aandeel graten en in het andere niet? Welke fundamentele redenen zie je om erin te beleggen? Welke risico's zou je weleens over het hoofd kunnen zien? Hetzelfde doe je voor je verkoopbeslissingen.

Schrijven is denken, en beleggen is nu eenmaal een 'denkende' ambacht. Je kunt er dus alleen maar baat bij hebben. Een beleggersdagboek is ook de beste manier om jezelf te beschermen tegen de vele denkfouten en gedragsmatige valkuilen waar je als belegger kwetsbaar voor bent.

Een traditie die we in de Lage Landen veel minder hebben dan in de Verenigde Staten of andere Europese landen is die van investeerdersbrieven. Elders hebben fondsbeheerders de gewoonte om elk kwartaal, halfjaar of jaar een brief naar de investeerders in hun fonds te sturen met een update over de portefeuille, hun visie op de markten en vaak nog wat filosofische mijmeringen over de economie, beleggen en het goede leven tout court.Zo hebben de verzamelde investeerdersbrieven van Berkshire Hathaway, het investeringsvehikel van Warren Buffett en Charlie Munger, doorheen de decennia een Bijbelse status gekregen in beleggerskringen. De memo's van Howard Marks zijn een ander voorbeeld van lezenswaardig beleggersevangelisme dat algemeen als verplicht leesvoer wordt gezien.Het leuke is dat er voor elk type belegger een schare aan brieven is waar ze hun mosterd kunnen halen. Waardebeleggers kunnen terecht bij Buffett of Jeremy Grantham. Hun tegenpolen, de groeibeleggers, vinden dan weer inspiratie bij bijvoorbeeld Scott Miller van Greenhaven Road. Voor kwaliteitsbeleggers zullen de brieven van François Rochon of Terry Smith veel pareltjes bevatten.Zulke brieven zijn een enorm rijke bron van inspiratie, inzichten en informatie. Je leert veel bij over verschillende bedrijven waarin de fondsbeheerders in investeren, over hoe ze de huidige staat van de markten afspiegelen tegen het verleden en over de fouten die ze gemaakt hebben.Dat laatste is belangrijk, vooral in periodes zoals de huidige, waarin het slecht gaat op de financiële markten. In veel brieven van het jongste jaar zie je de fondsbeheerders met zichzelf worstelen over hoe ze hun, vaak slechte, resultaten kunnen verklaren of goedpraten. Hun uitleg is in sommige gevallen inzicht- en leerrijk, in andere gevallen pure marketing en zelfbegoocheling.Investeerdersbrieven schrijven is in feite een oefening die elke belegger voor zichzelf zou moeten doen. Of je nu beroepsmatig een fonds van enkele miljarden beheert of als particulier op de beurs actief bent, het biedt een ongelofelijke meerwaarde om jezelf op regelmatige basis al schrijvend ter verantwoording te houden.Het loont stil te staan bij elke beslissing die je als belegger neemt. Waarom zie je in het ene aandeel graten en in het andere niet? Welke fundamentele redenen zie je om erin te beleggen? Welke risico's zou je weleens over het hoofd kunnen zien? Hetzelfde doe je voor je verkoopbeslissingen.Schrijven is denken, en beleggen is nu eenmaal een 'denkende' ambacht. Je kunt er dus alleen maar baat bij hebben. Een beleggersdagboek is ook de beste manier om jezelf te beschermen tegen de vele denkfouten en gedragsmatige valkuilen waar je als belegger kwetsbaar voor bent.