Onderliggend waren er veel verschillen; staatsobligaties van de AAA landen lieten rendementen zien van 2% (Duitsland), 2,6%

(Finland) tot 3% (Nederland).

De 'zachte' kernlanden Frankrijk, België en Oostenrijk deden het beter en profiteerden van de zoektocht naar rendement nadat de ECB haar depositotarief had verlaagd.

Het rendement van de staatsobligaties van die landen kwam uit op respectievelijk 3,9%, 3,8% en 3,5%. De Franse 10-jaars risico-opslag daalde naar het laagste niveau sinds oktober 2011 tot 77 bps.

Aan de andere kant leverden Spanje (-1,8%) en

Italië (-1,5%) verlies op. Op het dieptepunt op 24 juli stond de Spaanse index zelfs op een verlies van 6,5%.

Kan ECB hooggespannen verwachtingen waarmaken?

Uitspraken van de ECB leden Nowotny en Draghi zorgden voor een herstel waardoor het verlies uiteindelijk nog mee valt. Het is de vraag of de ECB de hooggespannen verwachtingen kan waarmaken en of dit herstel door kan zetten.

Ten teken van twijfel in de markt liepen de rentetarieven van Spanje en Italië gisteren weer op. Spaanse obligaties staan dit jaar op een verlies van 5,3%, terwijl dit voor Italiaanse obligaties met 7% nog wel positief is.

Bedrijfsobligaties deden het met een rendement van 2,3% in juli ook prima. De vraag naar obligaties van solide bedrijven blijft hoog, zoals afgelopen week ook weer bleek bij een aantal emissies.

Historisch gezien is de risico-opslag nog relatief hoog, maar ook hier zijn onderliggend grote verschillen bij bedrijven en banken uit de perifere landen enerzijds en de kernlanden anderzijds. Theodoor Gilissen Bankiers blijft positief op bedrijfsobligaties.

Buiten Europa deed schuldpapier uit opkomende markten (Hard Currency) het goed met een maandrendement van 3,7%. Dit is voor een deel te danken aan de daling van de Amerikaanse rente, maar voornamelijk door de daling van de risico-opslag. Die daalde voor de JP Morgan EMBI Index bijna 30 bps tot 331 bps.

Door de mindere liquiditeit in opkomende markten kunnen die obligaties volgens Theodoor Gilissen Bankiers volatieler zijn, zeker in tijden van stress.

Echter, de positieve trend van fundamentele verbetering, die mede wordt gereflecteerd in hogere ratings, blijft beleggers aantrekken. De onzekerheid rond de perifere landen in Europa enerzijds en de lage rendementen voor de kernlanden anderzijds.

Onderliggend waren er veel verschillen; staatsobligaties van de AAA landen lieten rendementen zien van 2% (Duitsland), 2,6% (Finland) tot 3% (Nederland). De 'zachte' kernlanden Frankrijk, België en Oostenrijk deden het beter en profiteerden van de zoektocht naar rendement nadat de ECB haar depositotarief had verlaagd. Het rendement van de staatsobligaties van die landen kwam uit op respectievelijk 3,9%, 3,8% en 3,5%. De Franse 10-jaars risico-opslag daalde naar het laagste niveau sinds oktober 2011 tot 77 bps. Aan de andere kant leverden Spanje (-1,8%) en Italië (-1,5%) verlies op. Op het dieptepunt op 24 juli stond de Spaanse index zelfs op een verlies van 6,5%. Kan ECB hooggespannen verwachtingen waarmaken? Uitspraken van de ECB leden Nowotny en Draghi zorgden voor een herstel waardoor het verlies uiteindelijk nog mee valt. Het is de vraag of de ECB de hooggespannen verwachtingen kan waarmaken en of dit herstel door kan zetten. Ten teken van twijfel in de markt liepen de rentetarieven van Spanje en Italië gisteren weer op. Spaanse obligaties staan dit jaar op een verlies van 5,3%, terwijl dit voor Italiaanse obligaties met 7% nog wel positief is. Bedrijfsobligaties deden het met een rendement van 2,3% in juli ook prima. De vraag naar obligaties van solide bedrijven blijft hoog, zoals afgelopen week ook weer bleek bij een aantal emissies. Historisch gezien is de risico-opslag nog relatief hoog, maar ook hier zijn onderliggend grote verschillen bij bedrijven en banken uit de perifere landen enerzijds en de kernlanden anderzijds. Theodoor Gilissen Bankiers blijft positief op bedrijfsobligaties. Buiten Europa deed schuldpapier uit opkomende markten (Hard Currency) het goed met een maandrendement van 3,7%. Dit is voor een deel te danken aan de daling van de Amerikaanse rente, maar voornamelijk door de daling van de risico-opslag. Die daalde voor de JP Morgan EMBI Index bijna 30 bps tot 331 bps. Door de mindere liquiditeit in opkomende markten kunnen die obligaties volgens Theodoor Gilissen Bankiers volatieler zijn, zeker in tijden van stress. Echter, de positieve trend van fundamentele verbetering, die mede wordt gereflecteerd in hogere ratings, blijft beleggers aantrekken. De onzekerheid rond de perifere landen in Europa enerzijds en de lage rendementen voor de kernlanden anderzijds.