Dit onderzoek, dat uitgevoerd wordt door TNS, is een initiatief van ING in samenwerking met Universiteit Gent, De Tijd en L'Echo. Tot en met mei 2011 gebeurde de enquête telefonisch, sinds juni 2011 wordt ze online afgenomen.

De ING-beleggersbarometer stabiliseerde in juli op een laag peil, al neemt de interesse voor de beurs terug lichtjes toe. Op dit ogenblik belegt minder dan 10% van de Belgen in opkomende markten, maar dat percentage zou in de komende jaren lichtjes moeten toenemen.

Barometer staat nog altijd stuk onder neutrale niveau

De ING-beleggersbarometer kwam in juli op 89 punten uit, een quasi-stabilisering na de 88 punten in juni. De barometer staat daarmee nog altijd een stuk onder het neutrale niveau van 100 punten.

Wat de conjunctuur betreft, meldde 24% van de ondervraagden een verbetering in de voorbije maanden, terwijl 39% een verslechtering ervoer.

Dit is volgens Peter Vanden Houte niet verwonderlijk, gezien de Belgische economie in het tweede kwartaal met 0,6% kromp. Voor de komende drie maanden blijven de beleggers nog eerder negatief gestemd, zij het iets minder uitgesproken dan in het tweede kwartaal.

Zo ziet 24% van de geënquêteerden het conjunctuurklimaat verbeteren, terwijl 30% de toekomst minder rooskleurig tegemoet kijkt.

De ietwat betere beursomgeving sinds de Europese top eind juni heeft de beleggers duidelijk moed gegeven. Zo denkt 26% dat de beurs in de komende drie maanden verder zal stijgen, terwijl 31% een terugval vreest. In mei bedroeg het percentage optimisten slechts 19%, terwijl de pessimisten met 42% ruimschoots in de meerderheid waren.

Toch wil de Belgische belegger nog altijd niet te veel risico nemen: investeren in risicovolle sectoren wordt maar door 17% van de beleggers gesmaakt, terwijl 51% van de respondenten dit expliciet afraadt. Minder risicovolle sectoren kunnen op 22% voorstanders en 27% tegenstanders rekenen.

Obligaties tenslotte worden door 24% van de geënquêteerden aangeraden en door 27% afgeraden. Wat wel opvalt, is dat bij de meer actieve beleggers de schrik voor minder risicovolle sectoren heel wat kleiner is: hoewel nog altijd 27% het niet ziet zitten, kan 34% zich vandaag wel in dergelijke belegging vinden. Bij de obligaties eenzelfde verhaal.

Enkel voor de meer risicovolle sectoren vertonen de actieve beleggers eenzelfde voorzichtigheid als de minder actieve beleggers.

Dit onderzoek, dat uitgevoerd wordt door TNS, is een initiatief van ING in samenwerking met Universiteit Gent, De Tijd en L'Echo. Tot en met mei 2011 gebeurde de enquête telefonisch, sinds juni 2011 wordt ze online afgenomen. De ING-beleggersbarometer stabiliseerde in juli op een laag peil, al neemt de interesse voor de beurs terug lichtjes toe. Op dit ogenblik belegt minder dan 10% van de Belgen in opkomende markten, maar dat percentage zou in de komende jaren lichtjes moeten toenemen.Barometer staat nog altijd stuk onder neutrale niveau De ING-beleggersbarometer kwam in juli op 89 punten uit, een quasi-stabilisering na de 88 punten in juni. De barometer staat daarmee nog altijd een stuk onder het neutrale niveau van 100 punten. Wat de conjunctuur betreft, meldde 24% van de ondervraagden een verbetering in de voorbije maanden, terwijl 39% een verslechtering ervoer. Dit is volgens Peter Vanden Houte niet verwonderlijk, gezien de Belgische economie in het tweede kwartaal met 0,6% kromp. Voor de komende drie maanden blijven de beleggers nog eerder negatief gestemd, zij het iets minder uitgesproken dan in het tweede kwartaal. Zo ziet 24% van de geënquêteerden het conjunctuurklimaat verbeteren, terwijl 30% de toekomst minder rooskleurig tegemoet kijkt. De ietwat betere beursomgeving sinds de Europese top eind juni heeft de beleggers duidelijk moed gegeven. Zo denkt 26% dat de beurs in de komende drie maanden verder zal stijgen, terwijl 31% een terugval vreest. In mei bedroeg het percentage optimisten slechts 19%, terwijl de pessimisten met 42% ruimschoots in de meerderheid waren. Toch wil de Belgische belegger nog altijd niet te veel risico nemen: investeren in risicovolle sectoren wordt maar door 17% van de beleggers gesmaakt, terwijl 51% van de respondenten dit expliciet afraadt. Minder risicovolle sectoren kunnen op 22% voorstanders en 27% tegenstanders rekenen. Obligaties tenslotte worden door 24% van de geënquêteerden aangeraden en door 27% afgeraden. Wat wel opvalt, is dat bij de meer actieve beleggers de schrik voor minder risicovolle sectoren heel wat kleiner is: hoewel nog altijd 27% het niet ziet zitten, kan 34% zich vandaag wel in dergelijke belegging vinden. Bij de obligaties eenzelfde verhaal. Enkel voor de meer risicovolle sectoren vertonen de actieve beleggers eenzelfde voorzichtigheid als de minder actieve beleggers.