Maar het beeld van een 'echte' recessie is toch weer even van de baan, met zo'n sterke arbeidsmarkt. Een 'technische' recessie, met twee opeenvolgende trimesters een negatieve groei, is natuurlijk altijd mogelijk. Maar dat zal dan minimaal zijn en zo'n scenario zit al in de huidige beurskoersen verrekend.

Naast 'recessie' is 'inflatie' uiteraard het andere woord dat de financiële markten momenteel domineert. Woensdag wordt dus de volgende spannende dag op Wall Street. Dan wordt het inflatiecijfer voor de maand juni in de Verenigde Staten gepubliceerd. Het cijfer voor mei choqueerde de financiële markten. Want in tegenstelling tot de verwachting steeg de inflatie door tot 8,6 procent, het hoogste cijfer in 41 jaar. We nuanceerden al eerder dat cijfer door te wijzen op de extreme stijging van brandstoffen in mei. De 8,5 procent van maart, de 8,3 procent van april en de 8,6 procent van mei vormen nog geen daling, maar wijzen wat ons betreft toch op een piekvorming. Te meer daar de kerninflatie (zonder energie en voeding) in maart op 6,4 procent zat, in april op 6,2 procent en in mei op 6,0 procent. Economen gaan uit van een verdere inflatiestijging tot 8,7 procent voor de maand juni. Hopelijk is het toch een lichte daling, zodat de financiële markten wat kalmeren en Wall Street het voorzichtige herstel kan voortzetten.

Hoge consensus

Dat herstel zal ook mede bepaald worden door de bedrijfsresultaten van het tweede kwartaal. Dinsdag zijn er al de cijfers van PepsiCo, maar traditioneel komt het Amerikaans resultatenseizoen op gang met de resultaten van de grootbanken. Donderdag gaat het om JPMorgan Chase en Morgan Stanley. Vrijdag is het de beurt aan Citigroup en Wells Fargo. Maandag zetten Bank of America en Goldman Sachs een punt achter het bankenfestival. Dan gaan we al een eerste inschatting hebben van hoezeer de hoge inflatie, de renteverhogingen door de Federal Reserve en de oorlog in Oekraïne wegen op de omzet- en winstcijfers van de bedrijven. Al moet dat beeld natuurlijk de komende weken nog vervolledigd worden door de industriële en techbedrijven.

Met de winstverwachtingen is er trouwens in de VS iets vreemds aan de hand. Het risico is dat de cijfers onder de analistenconsensus gaan uitkomen omdat die hoog is gebleven ondanks de minder gunstige economische omgeving. Zo wordt gemiddeld voor 2022 nog altijd een winststijging verwacht van 10,8 procent. Daarin zit natuurlijk ook de winstsprong van de energiebedrijven, maar het lijkt ons toch wel erg hoog gemikt. Dus minstens her en der verwachten we ons aan een negatieve koersreactie op de cijfers of de vooruitzichten.

Anderzijds zijn de koersen natuurlijk wel al fors teruggevallen in de eerste jaarhelft en hebben we eigenlijk de afgelopen dagen en weken (verrassend) weinig voorafgaandelijke winstwaarschuwingen gekregen. Het kan dus ook nog steeds dat het resultatenseizoen gaat meevallen en dat de Amerikaanse beursindexen niet naar nieuwe dieptepunten zakken. We duimen ervoor!

Maar het beeld van een 'echte' recessie is toch weer even van de baan, met zo'n sterke arbeidsmarkt. Een 'technische' recessie, met twee opeenvolgende trimesters een negatieve groei, is natuurlijk altijd mogelijk. Maar dat zal dan minimaal zijn en zo'n scenario zit al in de huidige beurskoersen verrekend.Naast 'recessie' is 'inflatie' uiteraard het andere woord dat de financiële markten momenteel domineert. Woensdag wordt dus de volgende spannende dag op Wall Street. Dan wordt het inflatiecijfer voor de maand juni in de Verenigde Staten gepubliceerd. Het cijfer voor mei choqueerde de financiële markten. Want in tegenstelling tot de verwachting steeg de inflatie door tot 8,6 procent, het hoogste cijfer in 41 jaar. We nuanceerden al eerder dat cijfer door te wijzen op de extreme stijging van brandstoffen in mei. De 8,5 procent van maart, de 8,3 procent van april en de 8,6 procent van mei vormen nog geen daling, maar wijzen wat ons betreft toch op een piekvorming. Te meer daar de kerninflatie (zonder energie en voeding) in maart op 6,4 procent zat, in april op 6,2 procent en in mei op 6,0 procent. Economen gaan uit van een verdere inflatiestijging tot 8,7 procent voor de maand juni. Hopelijk is het toch een lichte daling, zodat de financiële markten wat kalmeren en Wall Street het voorzichtige herstel kan voortzetten.Dat herstel zal ook mede bepaald worden door de bedrijfsresultaten van het tweede kwartaal. Dinsdag zijn er al de cijfers van PepsiCo, maar traditioneel komt het Amerikaans resultatenseizoen op gang met de resultaten van de grootbanken. Donderdag gaat het om JPMorgan Chase en Morgan Stanley. Vrijdag is het de beurt aan Citigroup en Wells Fargo. Maandag zetten Bank of America en Goldman Sachs een punt achter het bankenfestival. Dan gaan we al een eerste inschatting hebben van hoezeer de hoge inflatie, de renteverhogingen door de Federal Reserve en de oorlog in Oekraïne wegen op de omzet- en winstcijfers van de bedrijven. Al moet dat beeld natuurlijk de komende weken nog vervolledigd worden door de industriële en techbedrijven.Met de winstverwachtingen is er trouwens in de VS iets vreemds aan de hand. Het risico is dat de cijfers onder de analistenconsensus gaan uitkomen omdat die hoog is gebleven ondanks de minder gunstige economische omgeving. Zo wordt gemiddeld voor 2022 nog altijd een winststijging verwacht van 10,8 procent. Daarin zit natuurlijk ook de winstsprong van de energiebedrijven, maar het lijkt ons toch wel erg hoog gemikt. Dus minstens her en der verwachten we ons aan een negatieve koersreactie op de cijfers of de vooruitzichten.Anderzijds zijn de koersen natuurlijk wel al fors teruggevallen in de eerste jaarhelft en hebben we eigenlijk de afgelopen dagen en weken (verrassend) weinig voorafgaandelijke winstwaarschuwingen gekregen. Het kan dus ook nog steeds dat het resultatenseizoen gaat meevallen en dat de Amerikaanse beursindexen niet naar nieuwe dieptepunten zakken. We duimen ervoor!