Technisch bekeken verschilt een sociale obligatie nauwelijks van een gewone obligatie. Ze worden uitgegeven door overheden, supranationale organisaties of ondernemingen, die daarmee geld ophalen bij beleggers. Die ontvangen een rente en krijgen aan het einde van de looptijd hun inleg terug. De uitgever van een sociale obligatie omschrijft heel duidelijk een sociaal project waaraan het opgehaalde kapitaal wordt besteed. Dat kan heel breed gaan: zo worden sociale obligaties ingezet voor de financiering van betaalbare basisinfrastructuur (zoals zuiver drinkwater of energievoorzieningen), betaalbare huisvesting, de creatie van werkgelegenheid of de toegang tot gezondheidszorg en onderwijs.
...

Technisch bekeken verschilt een sociale obligatie nauwelijks van een gewone obligatie. Ze worden uitgegeven door overheden, supranationale organisaties of ondernemingen, die daarmee geld ophalen bij beleggers. Die ontvangen een rente en krijgen aan het einde van de looptijd hun inleg terug. De uitgever van een sociale obligatie omschrijft heel duidelijk een sociaal project waaraan het opgehaalde kapitaal wordt besteed. Dat kan heel breed gaan: zo worden sociale obligaties ingezet voor de financiering van betaalbare basisinfrastructuur (zoals zuiver drinkwater of energievoorzieningen), betaalbare huisvesting, de creatie van werkgelegenheid of de toegang tot gezondheidszorg en onderwijs. Sociale obligaties zijn de kleine broertjes van de groene obligaties, maar ze kregen dit jaar een ferme groeischeut. In de eerste jaarhelft werden voor 42 miljard dollar sociale obligaties uitgegeven, blijkt uit cijfers van Bloomberg. Dat is een stijging van 376 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. De uitgifte van groene obligaties viel met 8 procent terug, tot 120 miljard dollar.Dat illustreert dat er nog altijd een grote kloof gaapt tussen de groene en de sociale obligaties. De verwachting is bovendien dat de Europese Commissie een extra boost geeft aan de markt van de groene obligaties, aangezien ze daarmee een derde van het Europese herstelfonds van 750 miljard euro wil ophalen. "Beleggers worden steeds gevoeliger voor duurzame beleggingen. Dat zagen we al bij de groene obligaties, en dat sijpelt nu ook door bij de sociale obligaties", zegt Vanessa Marquette, die als partner van Loyens & Loeff bedrijven begeleidt bij obligatie-uitgiften. "Maar de echt spectaculaire toename is toch begonnen sinds de uitbraak van de corona-epidemie. Sindsdien worden sociale obligaties ook ingezet om de gevolgen van de economische problemen en de gezondheidscrisis te financieren."Zo gaf de Europese Commissie deze maand haar fiat voor een nieuw kader voor sociale obligaties. Met die leningen wil de Europese Commissie tot 100 miljard euro ophalen. Dat bedrag zal gaan naar het nieuwe SURE-programma, waarmee de Commissie leningen geeft aan lidstaten die werktijdverkorting en soortgelijke regelingen in stelling hebben gebracht om banen te vrijwaren tijdens de coronalockdown. Europees Commissaris voor Begroting Johannes Hahn omschreef die maatregel als "een doorbraak voor de wereldwijde markt van de sociale obligaties". Om te garanderen dat de fondsen voor sociale doeleinden worden gebruikt, moeten de lidstaten verslag uitbrengen over hoe de kredieten worden besteed en wat de sociale impact ervan is. Het gros van de uitgiften is voor rekening van overheden en supranationale organisaties, zeker nu de nadruk ligt op projecten die verband houden met de coronacrisis. Maar ook bedrijven hebben die mogelijkheid. Zo gaf Alphabet de voorbije zomer voor bijna 6 miljard dollar aan sociale obligaties uit. Het moederbedrijf van Google wil daarmee organisaties financieren die steun bieden aan zwarte ondernemers, projecten voor betaalbare huisvesting en kmo's die getroffen zijn door de corona-epidemie. Ook Philips en Pfizer gaven al sociale obligaties uit. Er is geen vaste definitie die omschrijft aan welke criteria sociale obligaties moeten voldoen. Er zijn wel richtlijnen van de International Capital Markets Association (ICMA), die bijvoorbeeld opleggen dat emittenten exact moeten uitleggen hoe ze het opgehaalde kapitaal zullen gebruiken en daarover jaarlijks moeten rapporteren. Maar die richtlijnen zijn vrijwillig en niet bindend. Daardoor is er nog een groot risico dat een investering socialer wordt voorgesteld dan ze is. Momenteel gaat hetzelfde op voor groene obligaties, al is de verwachting dat de Europese taxonomie veel zal verbeteren. Dat is een encyclopedie met alle economische activiteiten die volgens de Europese Commissie ecologisch zijn. Groene obligaties die projecten financieren die passen in dat kader, krijgen een label dat aangeeft dat ze voldoen aan de taxonomie. "De taxonomie omvat voorlopig enkel groene activiteiten, waarbij de sociale aspecten op de achtergrond blijven", zegt Vanessa Marquette. "Daardoor blijft bij sociale obligaties een groter gevaar op social washing. Dat zal een impact op de institutionele markt hebben. Doordat sociale obligaties nog niet onder de Europese taxonomie vallen, zullen institutionele beleggers de voorkeur geven aan groene obligaties. Daarmee zijn sociale obligaties toch eerder iets voor de overheid en voor particuliere beleggers die met hun investering een positieve impact op de maatschappij willen hebben."Bij gewone sociale obligaties is dat niet het geval. Onlangs is er wel een nieuw type sociale obligaties ontstaan, de sustainability-linked bonds. Sarah Libregts, senior associate van Loyens & Loeff legt uit: "Daarbij verbindt de emittent zich ertoe enkele vooraf vastgelegde duurzaamheidsdoelstellingen te halen. Als hij die niet haalt, is dat een trigger om de coupon voor de belegger te verhogen."Cruciaal voor zulke obligaties is wel dat de emittenten transparant zijn over de resultaten van de investering. Of de doelstellingen worden gehaald, moet worden gecontroleerd door een externe beoordelaar, zoals een auditor of een milieuadviseur. Beleggers hoeven geen rendement in te boeten als ze investeren in sociale obligaties. Het rendement ligt helemaal in lijn met die van gewone obligaties van dezelfde emittent. De coupons hangen vooral af van de kredietwaardigheid van de uitgever, niet van de bestemming van het opgehaalde kapitaal.