Volgens de topman van de groep zou het dividend volgend jaar uitkomen op 0,337 euro per aandeel of een bruto rendement van bijna 10%. Iberdrola wil ook zijn hoge schuldgraad in twee jaar tijd met 20% afbouwen. Dit doel zou bereikt moeten worden via kostenverlagingen. Er werd immers niet gesproken over de verkoop van activiteiten.

Omdat zijn rentetarief sterk afhangt van dat van Spanje kan Iberdrola niet lang wachten met zijn schuldafbouw. Een drastische stijging van de Spaanse rente kan immers de financieringskosten van de groep exponentieel doen toenemen. De verkoop van één of meerdere buitenlandse activiteiten is de snelste manier om de schulden af te bouwen. Deze activa zijn ook de meest gegeerde stukken van de groep bij buitenlandse investeerders. Maar het zijn nu net die activiteiten die de resultaten van de groep ondersteunen. In de eerste jaarhelft zakte de winst van de Spaanse activiteiten immers met 44%, terwijl de buitenlandse dochters een 74% hogere winst boekten.

Analisten zijn er van hun kant van overtuigd dat de groep onder druk van de financiële markten zijn Zuid-Amerikaanse of Britse dochterondernemingen zal moeten verkopen.

Volgens de topman van de groep zou het dividend volgend jaar uitkomen op 0,337 euro per aandeel of een bruto rendement van bijna 10%. Iberdrola wil ook zijn hoge schuldgraad in twee jaar tijd met 20% afbouwen. Dit doel zou bereikt moeten worden via kostenverlagingen. Er werd immers niet gesproken over de verkoop van activiteiten. Omdat zijn rentetarief sterk afhangt van dat van Spanje kan Iberdrola niet lang wachten met zijn schuldafbouw. Een drastische stijging van de Spaanse rente kan immers de financieringskosten van de groep exponentieel doen toenemen. De verkoop van één of meerdere buitenlandse activiteiten is de snelste manier om de schulden af te bouwen. Deze activa zijn ook de meest gegeerde stukken van de groep bij buitenlandse investeerders. Maar het zijn nu net die activiteiten die de resultaten van de groep ondersteunen. In de eerste jaarhelft zakte de winst van de Spaanse activiteiten immers met 44%, terwijl de buitenlandse dochters een 74% hogere winst boekten.Analisten zijn er van hun kant van overtuigd dat de groep onder druk van de financiële markten zijn Zuid-Amerikaanse of Britse dochterondernemingen zal moeten verkopen.