De resultaten van de bedrijven in de groeilanden hebben weliswaar enige vertraging opgelopen in vergelijking met het vroegere groeipad, maar dit lijkt eerder een tijdelijke fenomeen te zijn.

Bij een herneming van de expansieve monetaire politiek in China lijken deze markten nog steeds extreem goed gepositioneerd. De Amerikaanse bedrijfsresultaten bevinden zich op topniveau en hebben zich in de afgelopen jaren weten te profileren omwille van de flexibiliteit en de efficiëntie van hun bedrijven, ondanks de moeilijke omgevingsfactoren.

Verbetering van de marges

De winstgroei kent volgens professor Stefan Duchateau een tijdelijke vertraging maar de productiviteitswinsten de in het afgelopen jaar werden geboekt zullen opnieuw leiden tot een verbetering van de marges, ondanks de eerder zwakke wereldconjunctuur.

In het algemeen vertonen vooral de Europese bedrijven tekenen van structurele zwakte, maar deze zijn ruimschoots verwerkt in de huidige beurskoersen. Merk echter vooral op hoe sterk de bedrijfswinsten zijn geëvolueerd in Duitsland.

Het loonmatigingsbeleid en de extreme efficiëntiedruk hebben een bijzonder stevig platform gecreëerd dat de aanleiding is geweest tot een belangrijke expansie van de Duitse bedrijven en de creatie van werkgelegenheid.

Marktvolatiliteit bevindt zich op historisch zeer bescheiden peil

Deze onderwaardering van aandelenmarkten uit zich ook op basis van de extreem hoge verwachte risicopremies. Dit is een andere uitdrukking voor de hoge additionele kost die wordt aangerekend aan de toekomstige bedrijfswinsten bij de waardebepaling, ter compensatie van het gepercipieerde risico.

Dit risico is volgens professor Stefan Duchateau echter allerminst af te leiden uit de huidige marktvolatiliteit die zich op historisch zeer bescheiden peil bevindt.

Deze VIX volatiliteit is echter vrij instabiel en kan snel terug ontvlammen bij toenemende geo-politieke spanningen of ontwikkelingen in de Eurozone Het langjarige gemiddelde van de beursvolatiliteit bedraagt 20%. Het huidige niveau bevindt zich op een substantieel lager peil.

Het potentieel aan systemisch risico kan worden afgeleid uit het renteverschil op de interbancaire markt en het ontleningstarief bij de ECB.

Uit de evolutie van dit renteverschil kan duidelijk worden afgeleid dat de situatie in november 2011 opnieuw ernstig dreigde te ontaarden.

Met massale liquiditeitsinjecties wist de ECB de situatie echter te keren en terug te brengen op de Amerikaanse niveaus van stressrisico (waar deze liquiditeiten reeds in 2009 werden voorzien).

Met andere woorden: zowel de systematische risico-indicator ( VIX-volatiliteit ) als de systemische stressindicator motiveren een ontspanning van de risico-aversie.