Het basisprobleem van de eurozone is een onderliggend economisch probleem. Zolang dit niet wordt opgelost blijft het dweilen met de kraan open ... tot Duitsland ( niet geheel ten onrechte) besluit de kraan dicht te draaien.

De economische splijtzwam wordt gevormd door de toenemende verschillen in de reële effectieve wisselkoersen , een maatgetal dat niet enkel rekening houdt met nominale wisselkoersen ( die tussen de Eurolanden gelijk zijn ) maar ook met inflatie-, productiviteits- en prestatieverschillen.

Spanje zit opgezadeld met verscheurend dilemma

Hiermee komen we met onze voeten op de grond terecht, bevrijd van de fictie dat binnen een muntzone de economische evolutie gelijklopend zou moeten zijn.

Het tegendeel blijkt waar te zijn. Spanje zit opgescheept met verscheurend dilemma Een muntzone zoals de Europese gaat die landen bevoordelen die hun productieapparaat zodanig efficiënt hebben georganiseerd ten koste van landen die in het verleden dikwijls hun heil hadden gezocht in devaluaties.

Duchateau beperkt zich tot één voorbeeld: sedert de invoering van de euro is de industriële productie in Duitsland, relatief ten opzichte van Spanje, met meer dan 35% gestegen.

In combinatie met de instorting van de bouwsector in Spanje leidde dat tot een locale werkloosheid van 25% , terwijl men in Duitsland te kampen heeft met moeilijkheden om de gecreëerde jobs ingevuld te krijgen.

Ook al organiseer je een dagelijkse trein met euro-biljetten van Berlijn naar Madrid, dan krijg je dit probleem niet opgelost- Zeker niet wanneer via botte besparingen de Spaanse interne economie geen kans krijgt op een herstel.

Spanje zit nu opgescheept met een verscheurend dilemma : binnen de eurozone zal hun economie wegkwijnen door een gebrek aan competitiviteit en dit ondanks het feit dat de Spaanse reële wisselkoers op analoge wijze is geëvolueerd met de Amerikaanse productiviteit, gecorrigeerd voor het dollar-wisselkoerseffect.

Het basisprobleem van de eurozone is een onderliggend economisch probleem. Zolang dit niet wordt opgelost blijft het dweilen met de kraan open ... tot Duitsland ( niet geheel ten onrechte) besluit de kraan dicht te draaien. De economische splijtzwam wordt gevormd door de toenemende verschillen in de reële effectieve wisselkoersen , een maatgetal dat niet enkel rekening houdt met nominale wisselkoersen ( die tussen de Eurolanden gelijk zijn ) maar ook met inflatie-, productiviteits- en prestatieverschillen. Spanje zit opgezadeld met verscheurend dilemma Hiermee komen we met onze voeten op de grond terecht, bevrijd van de fictie dat binnen een muntzone de economische evolutie gelijklopend zou moeten zijn. Het tegendeel blijkt waar te zijn. Spanje zit opgescheept met verscheurend dilemma Een muntzone zoals de Europese gaat die landen bevoordelen die hun productieapparaat zodanig efficiënt hebben georganiseerd ten koste van landen die in het verleden dikwijls hun heil hadden gezocht in devaluaties. Duchateau beperkt zich tot één voorbeeld: sedert de invoering van de euro is de industriële productie in Duitsland, relatief ten opzichte van Spanje, met meer dan 35% gestegen. In combinatie met de instorting van de bouwsector in Spanje leidde dat tot een locale werkloosheid van 25% , terwijl men in Duitsland te kampen heeft met moeilijkheden om de gecreëerde jobs ingevuld te krijgen. Ook al organiseer je een dagelijkse trein met euro-biljetten van Berlijn naar Madrid, dan krijg je dit probleem niet opgelost- Zeker niet wanneer via botte besparingen de Spaanse interne economie geen kans krijgt op een herstel. Spanje zit nu opgescheept met een verscheurend dilemma : binnen de eurozone zal hun economie wegkwijnen door een gebrek aan competitiviteit en dit ondanks het feit dat de Spaanse reële wisselkoers op analoge wijze is geëvolueerd met de Amerikaanse productiviteit, gecorrigeerd voor het dollar-wisselkoerseffect.