Rosenberg is van mening dat cijfers over de groei van het BBP en andere hoopvolle signalen de harde waarheid alleen maar kunnen verbloemen. Hij wijst er op dat tijdens de Great Depression er ook periodes van positieve BBP-groei waren.

Die periodes duurden echter niet zo lang en gaven slechts een vals gevoel van stabiliteit. Zowel toen als nu werd elk snippertje goed nieuws enthousiast onthaald, waarbij Rosenberg zelfs het woord 'euforisch' durft te gebruiken.

In de 1929-33 recessie waren er zes kwartalen dat het BBP steeg, met een gemiddelde toename van 8%. Begin 1930 stegen de beurskoersen met 50% nadat de beleggers dachten dat het ergste achter de rug was. Rosenberg ziet hetzelfde scenario zich nu herhalen.

Rosenberg is van mening dat cijfers over de groei van het BBP en andere hoopvolle signalen de harde waarheid alleen maar kunnen verbloemen. Hij wijst er op dat tijdens de Great Depression er ook periodes van positieve BBP-groei waren. Die periodes duurden echter niet zo lang en gaven slechts een vals gevoel van stabiliteit. Zowel toen als nu werd elk snippertje goed nieuws enthousiast onthaald, waarbij Rosenberg zelfs het woord 'euforisch' durft te gebruiken. In de 1929-33 recessie waren er zes kwartalen dat het BBP steeg, met een gemiddelde toename van 8%. Begin 1930 stegen de beurskoersen met 50% nadat de beleggers dachten dat het ergste achter de rug was. Rosenberg ziet hetzelfde scenario zich nu herhalen.