Deze omzetting van de MCS heeft de volgende impact op de geconsolideerde balans van Ageas:

• een toename van EUR 2 miljard aan eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders en

• het boeken van een vordering van EUR 2 miljard op ABN AMRO Bank N.V.

Krachtens de overeenkomst afgesloten tussen de emittenten in 2007 is ABN AMRO Bank N.V. gehouden tot betaling aan Ageas van een bedrag gelijk aan de nominale waarde van de MCS (i.e. EUR 2 miljard).

De betaling moet gebeuren in de vorm van de uitgifte van aandelen in het gewoon kapitaal van ABN AMRO Bank N.V. Deze vergoeding compenseert Ageas voor de uitgifte van Ageas aandelen op het ogenblik van de conversie en voor het optreden van Ageas als codebiteur van de MCS.

Ageas heeft ABN AMRO Bank N.V. gevraagd om de nodige stappen te ondernemen om de volledige naleving van de Overeenkomst te verzekeren, inclusief de waardering van ABN AMRO Bank N.V.

De Nederlandse Staat, op dit ogenblik de enige aandeelhouder van ABN AMRO Group N.V., de houdstermaatschappij die ABN AMRO Bank N.V. controleert, betwist dat de Overeenkomst nog van kracht is.

Zij argumenteert dat de Term Sheet van 3 oktober 2008 die de overname regelt van de Nederlandse bank- en verzekeringsactiviteiten van het vroegere Fortis door de Nederlandse Staat, Ageas' recht op aandelen in ABN AMRO Bank N.V. op het ogenblik van conversie van de MCS teniet doet.

Ageas betwist ten stelligste dit standpunt en is van mening dat de overeenkomst nog steeds rechtsgeldig is en dat ABN AMRO Bank N.V. ze volledig dient na te leven.

Indien ABN AMRO Bank N.V zou nalaten de aandelen te leveren zoals bepaald in de Overeenkomst, zal Ageas een juridische procedure inleiden tegen ABN AMRO Bank N.V. om de rechten en belangen van haar aandeelhouders te beschermen.

In het licht van deze procedure, overweegt Ageas een bijzondere waardevermindering te boeken op haar vordering op ABN AMRO Bank N.V. ten belope van maximum EUR 2 miljard. Deze waardevermindering, die geen liquiditeitsimpact heeft, zal verantwoord worden in het segment Algemeen in het vierde kwartaal van 2010.

Deze omzetting van de MCS heeft de volgende impact op de geconsolideerde balans van Ageas: • een toename van EUR 2 miljard aan eigen vermogen toewijsbaar aan de aandeelhouders en • het boeken van een vordering van EUR 2 miljard op ABN AMRO Bank N.V. Krachtens de overeenkomst afgesloten tussen de emittenten in 2007 is ABN AMRO Bank N.V. gehouden tot betaling aan Ageas van een bedrag gelijk aan de nominale waarde van de MCS (i.e. EUR 2 miljard). De betaling moet gebeuren in de vorm van de uitgifte van aandelen in het gewoon kapitaal van ABN AMRO Bank N.V. Deze vergoeding compenseert Ageas voor de uitgifte van Ageas aandelen op het ogenblik van de conversie en voor het optreden van Ageas als codebiteur van de MCS. Ageas heeft ABN AMRO Bank N.V. gevraagd om de nodige stappen te ondernemen om de volledige naleving van de Overeenkomst te verzekeren, inclusief de waardering van ABN AMRO Bank N.V. De Nederlandse Staat, op dit ogenblik de enige aandeelhouder van ABN AMRO Group N.V., de houdstermaatschappij die ABN AMRO Bank N.V. controleert, betwist dat de Overeenkomst nog van kracht is. Zij argumenteert dat de Term Sheet van 3 oktober 2008 die de overname regelt van de Nederlandse bank- en verzekeringsactiviteiten van het vroegere Fortis door de Nederlandse Staat, Ageas' recht op aandelen in ABN AMRO Bank N.V. op het ogenblik van conversie van de MCS teniet doet. Ageas betwist ten stelligste dit standpunt en is van mening dat de overeenkomst nog steeds rechtsgeldig is en dat ABN AMRO Bank N.V. ze volledig dient na te leven. Indien ABN AMRO Bank N.V zou nalaten de aandelen te leveren zoals bepaald in de Overeenkomst, zal Ageas een juridische procedure inleiden tegen ABN AMRO Bank N.V. om de rechten en belangen van haar aandeelhouders te beschermen. In het licht van deze procedure, overweegt Ageas een bijzondere waardevermindering te boeken op haar vordering op ABN AMRO Bank N.V. ten belope van maximum EUR 2 miljard. Deze waardevermindering, die geen liquiditeitsimpact heeft, zal verantwoord worden in het segment Algemeen in het vierde kwartaal van 2010.