Ad van Tiggelen (ING): "Deze mensen hebben hun hypothecaire leningen grotendeels afgelost én ze hebben volledig geprofiteerd van de sterke stijging van de huizenprijzen, aandelen en obligaties in de jaren tachtig en negentig, toen de ongekende daling van de rente van 12% tot 4% tot een enorme waardestijging van vermogenstitels leidde."

Dit was echter een zeldzaam historisch fenomeen, dat zich in de komende decennia waarschijnlijk niet opnieuw zal voordoen.

Van Tiggelen: "Naar onze verwachting zullen de rendementen op beleggingen en de ontwikkeling van de huizenprijzen voorlopig bescheiden blijven, waardoor het moeilijker wordt een vermogensbuffer voor de toekomst op te bouwen. Ironisch genoeg zou de belangrijkste bron van vermogensvorming voor jongeren wel eens hun erfenis kunnen zijn. Zij die geen uitzicht hebben op een flinke meevaller - de overgrote meerderheid - worden geconfronteerd met een toenemende noodzaak om te beleggen voor de toekomst, grotendeels via fondsen die in overheidsobligaties beleggen. In een westerse wereld waarin vergrijzing en hoge schulden een drukkend effect uitoefenen op groei en inflatie zal de vraag naar staatspapier volgens ons dus blijven groeien. Wij verwachten tevens dat er geleidelijk een beweging zal komen in de richting van meer evenwichtige overheidsbegrotingen. In dat geval is er vooralsnog meer reden om staatsschuld lief te hebben dan te haten."

Ad van Tiggelen (ING): "Deze mensen hebben hun hypothecaire leningen grotendeels afgelost én ze hebben volledig geprofiteerd van de sterke stijging van de huizenprijzen, aandelen en obligaties in de jaren tachtig en negentig, toen de ongekende daling van de rente van 12% tot 4% tot een enorme waardestijging van vermogenstitels leidde." Dit was echter een zeldzaam historisch fenomeen, dat zich in de komende decennia waarschijnlijk niet opnieuw zal voordoen. Van Tiggelen: "Naar onze verwachting zullen de rendementen op beleggingen en de ontwikkeling van de huizenprijzen voorlopig bescheiden blijven, waardoor het moeilijker wordt een vermogensbuffer voor de toekomst op te bouwen. Ironisch genoeg zou de belangrijkste bron van vermogensvorming voor jongeren wel eens hun erfenis kunnen zijn. Zij die geen uitzicht hebben op een flinke meevaller - de overgrote meerderheid - worden geconfronteerd met een toenemende noodzaak om te beleggen voor de toekomst, grotendeels via fondsen die in overheidsobligaties beleggen. In een westerse wereld waarin vergrijzing en hoge schulden een drukkend effect uitoefenen op groei en inflatie zal de vraag naar staatspapier volgens ons dus blijven groeien. Wij verwachten tevens dat er geleidelijk een beweging zal komen in de richting van meer evenwichtige overheidsbegrotingen. In dat geval is er vooralsnog meer reden om staatsschuld lief te hebben dan te haten."