Hun recente vooruitzichten zijn uitzonderlijk voorzichtig. Dit hoeft nog niet meteen slecht te zijn, aangezien lage verwachtingen makkelijker worden overtroffen dan hoge.

En het zal niemand verrassen als de beleggingsomgeving in 2012 moeizaam blijkt, gelet op de eurocrisis en de waarschijnlijke afname van de bedrijfswinsten.

Maar met hun hoge winstmarges en sterke balansen bieden aandelen nog steeds mogelijkheden.

Ad van Tiggelen (ING): "Een van de opvallendste kenmerken van 2011 is het feit dat de financiële markten steeds meer in staat zijn politieke beleidsbeslissingen af te dwingen. Naar alle waarschijnlijkheid zullen zij ook een meer duurzamere oplossing voor de eurocrisis forceren, waardoor een besluitvormingsproces wordt versneld dat anders nog jaren had kunnen duren. Een mogelijk uiteenvallen van de eurozone (hetgeen een ramp zou zijn) blijft een staartrisico dat beleggers niet kunnen negeren, maar ook niet moeten omarmen. Het is slechts een extra reden om breed te spreiden, en dat is toch altijd verstandig om te doen.

Om te zien wat in 2012 voor beleggers zou kunnen werken, is het van belang om de lessen van 2011 te begrijpen:

- De financiële markten zijn nog altijd groeiverslaafd, net als de Amerikaanse consument.

- Om groei te handhaven zijn de markten bereid verbazend veel schuldfinanciering te accepteren, zolang zij maar de indruk hebben dat het land of de onderneming in kwestie concurrerend en flexibel is en voldoende toegang heeft tot liquide middelen.

- Op het gebied van liquiditeitsverschaffing worden centrale banken in toenemende mate gezien als noodzakelijke "lenders of last resort". Zonder hen kunnen kredietmarkten opdrogen, waardoor een neerwaartse spiraal ontstaat die uiteindelijk ook de solvabiliteit van bedrijven in gevaar kan brengen.

Het is juist vanwege dit liquiditeitsargument dat de hoogte van de rentes op langlopende Britse obligaties nu vergelijkbaar is met die op Duitse obligaties, ondanks de overduidelijke superioriteit van de Duitse fundamentals. De Bank of England wordt namelijk gezien als een betrouwbare "lender of last resort", de ECB (vooralsnog) niet. Met liquiditeitscreatie kan kostbare tijd worden gewonnen! En Zuid-Europa heeft tijd nodig om zijn gebrek aan concurrentievermogen en flexibiliteit aan te pakken, onder nauwlettend toezicht van regelgevers en financiële markten."

Hun recente vooruitzichten zijn uitzonderlijk voorzichtig. Dit hoeft nog niet meteen slecht te zijn, aangezien lage verwachtingen makkelijker worden overtroffen dan hoge. En het zal niemand verrassen als de beleggingsomgeving in 2012 moeizaam blijkt, gelet op de eurocrisis en de waarschijnlijke afname van de bedrijfswinsten. Maar met hun hoge winstmarges en sterke balansen bieden aandelen nog steeds mogelijkheden. Ad van Tiggelen (ING): "Een van de opvallendste kenmerken van 2011 is het feit dat de financiële markten steeds meer in staat zijn politieke beleidsbeslissingen af te dwingen. Naar alle waarschijnlijkheid zullen zij ook een meer duurzamere oplossing voor de eurocrisis forceren, waardoor een besluitvormingsproces wordt versneld dat anders nog jaren had kunnen duren. Een mogelijk uiteenvallen van de eurozone (hetgeen een ramp zou zijn) blijft een staartrisico dat beleggers niet kunnen negeren, maar ook niet moeten omarmen. Het is slechts een extra reden om breed te spreiden, en dat is toch altijd verstandig om te doen. Om te zien wat in 2012 voor beleggers zou kunnen werken, is het van belang om de lessen van 2011 te begrijpen: - De financiële markten zijn nog altijd groeiverslaafd, net als de Amerikaanse consument. - Om groei te handhaven zijn de markten bereid verbazend veel schuldfinanciering te accepteren, zolang zij maar de indruk hebben dat het land of de onderneming in kwestie concurrerend en flexibel is en voldoende toegang heeft tot liquide middelen. - Op het gebied van liquiditeitsverschaffing worden centrale banken in toenemende mate gezien als noodzakelijke "lenders of last resort". Zonder hen kunnen kredietmarkten opdrogen, waardoor een neerwaartse spiraal ontstaat die uiteindelijk ook de solvabiliteit van bedrijven in gevaar kan brengen. Het is juist vanwege dit liquiditeitsargument dat de hoogte van de rentes op langlopende Britse obligaties nu vergelijkbaar is met die op Duitse obligaties, ondanks de overduidelijke superioriteit van de Duitse fundamentals. De Bank of England wordt namelijk gezien als een betrouwbare "lender of last resort", de ECB (vooralsnog) niet. Met liquiditeitscreatie kan kostbare tijd worden gewonnen! En Zuid-Europa heeft tijd nodig om zijn gebrek aan concurrentievermogen en flexibiliteit aan te pakken, onder nauwlettend toezicht van regelgevers en financiële markten."