In drie jaar je beheerde vermogen vertienvoudigen van 5 miljard naar meer dan 50 miljard dollar. Veel vermogensbeheerders dromen ervan, maar weinigen slagen daarin. Cathie Wood deed het wel. Zij is de oprichter van ARK Invest, een Amerikaanse vermogensbeheerder die zich toespitst op technologie- en innovatiebeleggingen. Zo heeft ARK ETF's ( exchange traded funds of trackers) rond robotica, genomics, ruimte-exploratie en fintech.
...

In drie jaar je beheerde vermogen vertienvoudigen van 5 miljard naar meer dan 50 miljard dollar. Veel vermogensbeheerders dromen ervan, maar weinigen slagen daarin. Cathie Wood deed het wel. Zij is de oprichter van ARK Invest, een Amerikaanse vermogensbeheerder die zich toespitst op technologie- en innovatiebeleggingen. Zo heeft ARK ETF's ( exchange traded funds of trackers) rond robotica, genomics, ruimte-exploratie en fintech. Wood is een rijzende ster op Wall Street. Niet alleen omdat ze zoveel kapitaal heeft aangetrokken, ook vanwege de rendementen van haar ETF's. De koers van haar vlaggenschipfonds, ARK Innovation ETF, steeg in het coronajaar 2020 met 152 procent, tegenover 44 procent voor de technologie-index Nasdaq en 35 procent voor de S&P-500, de index met de belangrijkste 500 Amerikaanse bedrijven. Door hun focus op technologie zijn de ARK-trackers stevig belegd in onder meer de autobouwer Tesla, de videobeller Zoom, de cryptobeurs Coinbase en de muziekstreamer Spotify. Voordat u zich naar uw beursmakelaar haast: de ARK-ETF's zijn niet verkrijgbaar in Europa. ARK heeft die successen bovendien geboekt met een bijzonder beleggingsvehikel: een actieve ETF. Iedereen associeert trackers met passief of indexbeleggen. Hoe kan een ETF dan actief zijn? "Je moet duidelijk het onderscheid maken tussen de verpakking van een beleggingsinstrument en het beheer ervan", verduidelijkt Benedict Peeters van de Luxemburgse vermogensbeheerder Shelter IM. Wat de verpakking betreft, is er de keuze tussen een klassiek beleggingsfonds of een ETF-structuur. Voor het beheer is er de keuze uit een actief beheer, waarbij de beheerder bepaalt welke effecten in de portefeuille komen, en een passief beheer, dat slaafs een index volgt. Het gros van de ETF's hanteert een indexstrategie, maar dat wil niet zeggen dat actief beheer niet in een ETF-jasje past. "Je kunt eender welke beleggingsstrategie, actief of passief, als een klassiek fonds of als een ETF aanbieden", zegt Kenneth Lamont, fondsenanalist bij Morningstar. Actieve ETF's zijn aan een stevige opmars bezig. Volgens Morningstar is wereldwijd 364 miljard dollar belegd in actieve ETF's. Dat is 4 procent van het totale vermogen van meer dan 9000 miljard dollar dat beleggers in ETF's hebben geparkeerd. Het actieve segment groeit harder dan het passieve. Tegenover begin dit jaar is het vermogen in actieve ETF's wereldwijd met 36 procent aangedikt. In Europa was dat 30 procent sinds begin dit jaar, in de Verenigde Staten 40 procent. Tegenover 2017 is het totale vermogen meer dan verzesvoudigd. Het blijft wel hoofdzakelijk een Amerikaans fenomeen. Van die 364 miljard dollar zit 74 procent in Amerikaanse actieve ETF's, tegenover 6 procent in Europese. In 2020 zijn in de Verenigde Staten meer actieve dan passieve trackers gelanceerd. In Europa zijn de grootste actieve ETF's vooral obligatietrackers, al zijn actieve aandelentrackers in opmars. Volgens Hector McNeil van HANetf, een Britse ETF-ontwikkelaar, zijn actieve ETF's de next big thing. "Eerst had je zuiver passieve ETF's, die een index volgen. Daarna kwamen ETF's die inspelen op een thema of een sector. Vervolgens had je de smart beta- of factor-ETF's, die kwantitatieve en geautomatiseerde beleggingsstrategieën aanbieden zoals momentum- of dividendbeleggen. Actieve ETF's zijn de volgende stap", stelt hij. "De sterke toevloed van kapitaal in actieve ETF's, zowel in de Verenigde Staten als in Europa, toont dat ze beantwoorden aan de noden van beleggers'", stelt Jill Rootsaert, die bij de vermogensbeheertak van JP Morgan verantwoordelijk is voor de distributie van ETF's in de Benelux. Er zijn verschillende voordelen aan actief beheerde trackers. Een eerste is dat ze het actieve beleggingsbeheer goedkoper aanbieden dan een klassiek fonds. "Welke beleggingsstrategie je ook aanbiedt, actief of passief, een ETF is als vehikel goedkoper om te runnen", legt Jill Rootsaert uit. "Vergeleken met een fonds doorloopt een ETF minder stappen tussen de productontwikkeling en de eindklant", voegt Benedict Peeters eraan toe. "Zie het als de democratisering van het actieve beheer', vult Kenneth Lamont van Morningstar aan. Fondsen van vermogensbeheerders of banken hebben verschillende instap- en beheerskosten, afhankelijk van hoeveel geld de belegger erin investeert. Hoe hoger de inleg, hoe lager die kosten. Maar particuliere beleggers kunnen vaak niet enkele tienduizenden, en soms zelfs honderdduizenden euro's investeren om in die laagste kostencategorie te vallen. "Veel actieve ETF's hebben kostenpercentages die aanleunen bij de kosten die rijke klanten betalen voor fondsen van private banks en vermogensbeheerders", weet Kenneth Lamont. Actieve ETF's zijn ook toegankelijker, vindt Hans Heytens, hoofd strategie bij de vermogensbeheerder Merit Capital. "Bij veel fondsen is er een minimuminstapbedrag van bijvoorbeeld 1000 euro. ETF's kun je op de beurs per aandeel kopen", stelt hij. Actieve ETF's zijn gemiddeld wel enkele tienden van procenten duurder dan indextrackers. Beleggers moeten met een aantal zaken rekening houden als ze in actieve ETF's willen investeren, raadt Jill Rootsaert aan. "Kijk goed of de ETF-uitgever ervaring heeft met actief beheer. Het is belangrijk dat hij de expertise en de researchcapaciteiten heeft om dat goed te doen. Hij moet ook de juiste partners hebben om de ETF-deelbewijzen te verhandelen op de beurs." Daarnaast hebben actieve ETF's het voordeel dat ze verhandelbaar zijn op een beurs, waardoor beleggers er op elk moment van de dag kunnen in- en uitstappen. Bij fondsen is dat niet zo. "In een fonds kunnen beleggers enkel instappen tegen de prijs aan het einde van een beursdag, terwijl je bij een ETF op eender welk moment kunt in- en uitstappen tegen de koers van dat moment", legt Benedict Peeters uit. "Aan het einde van elke beursdag wordt de intrinsieke waarde van beleggingsfondsen bepaald. Tegen die waarde kun je intekenen, ook al heb je je intekenorder 's ochtends al doorgestuurd naar je broker. Maar als er na die intekenorder belangrijke ontwikkelingen zijn op de markten, zoals de tumult op de Chinese beurzen van de laatste tijd, kun je daar met een fonds niet instant op inspelen, terwijl dat wel gaat met ETF's. Die zijn veel liquider." Transparantie is nog een voordeel van ETF's. Voor indextrackers is dat vanzelfsprekend: die volgen een index waarvan de samenstelling bekend is. Voor actieve ETF's gelden dezelfde transparantieverplichtingen. Zij moeten hun samenstelling ook dagelijks bekendmaken. Voor actieve beheerders ligt dat gevoelig. Zij willen de markt niet volgen maar verslaan. Daarvoor zetten ze in op hun eigen beleggingsstrategie. Als ze elke dag hun portefeuillesamenstelling moeten vrijgeven, vrezen ze hun strategische voorsprong te verliezen. "Velen willen hun knowhow niet zomaar op straat gooien", zegt Benedict Peeters. "Er zullen beheerders zijn die dat nooit zullen doen." In de Verenigde Staten is die transparantieverplichting in 2019 versoepeld, waardoor actieve ETF's niet langer elke dag hun volledige samenstelling openbaar hoeven te maken. Sindsdien hebben enkele grote Amerikaanse vermogensbeheerders en banken hun fondsen omgezet in actieve ETF's. De verwachting is dat er nog volgen. De Europese financiëletoezichthouders laten die semitransparantie nog niet toe. Onterecht, meent Hector McNeil van HaNetf. "Volledige transparantie is niet nodig voor een vlotte en veilige beurshandel in ETF's", zegt hij. Die transparantieregels houden de verdere ontwikkeling van actieve ETF's in Europa tegen. "In de Verenigde Staten heeft bijna elke vermogensbeheerder een ETF-aanbod. Ze willen een breed scala aanbieden voor verschillende types klanten. In Europa heeft nog geen 10 procent een ETF-aanbod. Dat zal nog veranderen." De opkomst van actieve ETF's haakt in op het oude debat tussen actief en passief beheer. De actief beheerde fondsen staan al jaren onder druk. In theorie willen ze met dat actieve beheer de markt of hun referentie-index verslaan. In de praktijk slaagt de grote meerderheid daar niet in. Uit de SPIVA-score van Standard & Poor's blijkt dat maar een kwart van de Amerikaanse en Europese fondsbeheerders het de afgelopen vijf jaar beter heeft gedaan dan de referentie-index S&P-500. "Op tien jaar verslaat slechts 10 procent van de fondsen jaar na jaar de markt", weet Kenneth Lamont. Waarom zou een belegger hogere beheerskosten betalen, als 75 tot 90 procent van de fondsen het toch niet beter doet dan de markt? De baten van dat actieve beheer wegen niet op tegen de nadelen: het is duurder en minder flexibel. Die kanttekening geldt ook voor de actieve ETF's. "Net zoals de meeste fondsen zijn actieve ETF's benchmark aware, ze wijken niet te veel af van hun referentie-index", zegt Hans Heytens van Merit Capital. Jill Rootsaert vindt dat actieve ETF's juist een antwoord bieden op de kritiek op veel fondsen. "Benchmark aware beleggen, waarbij je op basis van je research bepaalde aandelen minder of meer laat wegen, geeft beleggers toegang tot prestaties boven het marktgemiddelde, maar dan in een kostenbewust jasje", zegt ze. "Maar daarnaast zijn er ook die zich niet enten op een referentie-index en waarbij de beheerder een mandaat heeft om een zo hoog mogelijk rendement boven op de referentie-index te halen." Het kan evenwel lonen zich niets aan te trekken van de referentie-index. Dat bewijzen de actieve ETF's van ARK. Wood is heel eigenzinnig in haar aandelenselectie. Daardoor presteert ze sommige jaren, zoals nu, tientallen procenten minder goed dan een aantal indexen. Maar andere jaren, zoals in 2020, doet ze het veel beter.