Het kalme beleggingsklimaat voor vastrentende waarden behoort tot het verleden. Ongeveer tien jaar lang zijn de obligatiemarkten relatief rustig geweest. De volatiliteit was laag doordat de centrale banken elke opflakkering van angst op de financiële markten wisten te counteren. De rente werd verlaagd tot een ongekend laag niveau. De centrale banken drukten geld om obligaties op de markten te kopen en zo volop economische steun te verlenen.

Daarom hebben politieke en economische schokken niet geleid tot grote zorgen bij de beleggers, terwijl die doorgaans wel de kop opsteken als de volatiliteit toeneemt. Maar monetaire beleidswijzigingen en geopolitieke factoren brengen daar dit jaar verandering in. Emittenten - zowel landen als bedrijven - met een hoge schuldenlast worden kwetsbaarder. Consumenten lenen niet meer excessief en impulsief.

Stoppen met renteverhogingen

De Amerikaanse rente en de dollar zullen wellicht niet uitblinken in 2019, omdat het risico toeneemt dat de Amerikaanse economie voor een groeivertraging staat. De impact van de belastingverlaging neemt af en de groeivertraging in de rest van de wereldeconomie zal ook in de Verenigde Staten voelbaar zijn. De Amerikaanse centrale bank (Fed) zal meer dan waarschijnlijk stoppen met renteverhogingen in 2019. President Donald Trump hamert daar trouwens al langer op. Volgens hem beschadigt de verhoging van de rente de economische groei.

De trend naar veiligheid begint stilaan belangrijker te worden.

Intussen veroorzaakt de vorm van de rendementscurve onrust. Als die afvlakt en zelfs omkeert - langlopende obligaties geven een lager rendement dan kortlopende - is dat meestal de voorbode van een economische vertraging. Dat kan een verklaring zijn voor de zwakke aandelenmarkten op het moment dat het rendement van de Amerikaanse overheidsobligaties op vijf jaar onder dat van overheidsobligaties op twee jaar gaat.

Alleen de Fed doet momenteel aan kwantitatieve verstrakking. De bank verkoopt niet actief obligaties, ze koopt ook geen obligaties meer op. Door de belastingverlagingen en de stijgende kosten van de verouderende bevolking zal het Amerikaanse overheidstekort in de nabije toekomst oplopen tot meer dan 1000 miljard (1 biljoen) dollar per jaar. Er zullen daarom meer obligaties naar de markt komen, maar de grootste koper, de Fed, is verdwenen.

Laatste fase conjunctuurcyclus

Bedrijven die obligaties hebben uitgegeven, konden profiteren van de lage rente om goedkoop te lenen tegen lange looptijden. Veel bedrijfsobligaties komen dit jaar dus niet op vervaldag. Dat is positief. Negatief is dan weer de Amerikaanse markt voor nieuwe woningen. Als de voorraad woningen gemiddeld zeven maanden of langer onverkocht blijft, volgt bijna altijd een recessie. Vandaag is die termijn al 7,4 maanden.

We naderen dus stilaan de laatste fase van de economische cyclus. Na de lange periode van groei dreigen vaak excessen te ontstaan. Dat is nog niet het geval. De werkgelegenheid en gemiddelde loongroei blijven op een redelijk niveau. De inflatie neemt wel wat toe, maar er is helemaal geen risico dat de consumentenprijzen uit de hand lopen. De Europese centrale banken zijn ervan overtuigd dat de kwantitatieve verruiming niet langer nodig is. Risicovolle activa, zoals aandelen, hebben daaronder te lijden. Voor obligaties speelt dat minder.

Maar de trend naar veiligheid begint toch stilaan belangrijker te worden. De markten worden volatieler, de wanbetalingen zullen toenemen en de risico's moeten regelmatig worden geherwaardeerd. Het is dus raadzaam regelmatiger dan voorheen uw obligatieportefeuille te checken. Kopen en houden behoort tot het verleden. Maar dat hoeft u geenszins af te schrikken. Integendeel zelfs: een actievere markt biedt altijd meer mogelijkheden voor beleggers die bij de pinken zijn.

Hogere risicopremies

Het rendement op overheidsobligaties is vorig jaar al wat gestegen. Risicoschuwe beleggers konden hun inkomen uit obligaties daardoor opdrijven, zonder dat ze daarvoor extra kredietrisico liepen. Dit jaar zullen liefhebbers van highyieldleningen zich stilaan onthouden ten voordele van kwaliteitsvolle obligaties. Daardoor zullen de risicopremies omhoog gaan, de ontleningskosten stijgen en de prijzen van risicovolle effecten dalen.

Door de recente groeivertraging en de aanhoudend lage inflatie in Europa is twijfel gerezen over de timing van een eerste renteverhoging door de Europese Centrale Bank. Eerst was sprake van het einde van de zomer, nu wordt veeleer december 2019 genoemd. Het zal misschien zelfs nog later zijn, volgens ABN AMRO. Die bank verwacht dat de Europese langetermijnrente laag blijft. In die context bieden toonaangevende overheidsobligaties en inflatiegelinkte obligaties goede kansen.

Eeuwig is niet voor altijd

Eeuwigdurende obligaties of perpetuals zijn niet voor altijd. Hun vervaldag wordt niet vooraf bekendgemaakt zoals bij de meeste andere emissies. Maar normaal worden ze ooit terugbetaald. Zo kan de onlangs uitgegeven eeuwigdurende obligatie van Solvay al worden afgelost op 4 maart 2024. Tot dan geeft de obligatie jaarlijks recht op een vaste coupon van 4,25 procent. Als de call niet wordt uitgeoefend, wordt de coupon variabel. Hij kan dan om de vijf jaar worden aangepast. Op zich zijn dat interessante voorwaarden. De effecten zijn verkrijgbaar in coupures van 100.000 euro. Tegen een prijs die iets boven pari ligt, bedraagt het rendement meer dan 4 procent tot de eerste call.

Daar zit het addertje. Als de lange rente binnen vijf jaar lager is dan vandaag, zal Solvay de lening wellicht terugbetalen. De eigenaar van de lening die ervan uitging dat zijn kapitaal misschien niet voor eeuwig, maar toch voor erg lang uitstond, moet dan plots uitkijken naar nieuwe kansen. Bovendien is zo'n perpetual doorgaans achtergesteld, zoals het geval is bij Solvay. Als dat bedrijf in financiële moeilijkheden zou komen - wat we niet verwachten - zullen bezitters van die stukken pas hun geld terugzien als er nog over is nadat eerst alle andere schuldeisers voldaan zijn. Voor de liefhebbers: deze lening krijgt bij Standard & Poor's de rating BB (licht speculatief).

Zoals verwacht heeft The Royal Bank of Scotland, een van de oudste Britse banken, de perpetuals met coupons van 5,25 en 5,50 procent vervroegd ingekocht. Wie interesse heeft om de vrijgekomen gelden te herbeleggen in eeuwigdurende obligaties, kan onder meer terecht bij de autobouwer Volkswagen en de luchtvaartgroep Air France-KLM. Volkswagen biedt een lening aan met een coupon van 4,625 procent en een andere met een coupon van 3,5 procent. De eerste kost momenteel 98,65 procent van de nominale waarde en de tweede 87,80 procent. De obligaties zijn verkrijgbaar in coupures van 1000 euro. Bij Air France-KLM kosten de coupures 100.000 euro. De coupon bedraagt 6,25 procent, maar de prijs van de effecten bedraagt 105 procent.