Een bedrijfswagen is een belangrijke aanvulling op je gewone loon. In de meeste gevallen heb je er ook een tankkaart bij waarmee je gratis kunt tanken.

Met een bedrijfswagen kan je in principe ook buiten het werk en tijdens het weekend rijden. Voor deze privé-verplaatsingen word je dan belast op een voordeel in natura. Dit voordeel wordt berekend op basis van de CO²-uitstoot van de wagen en van de cataloguswaarde. Hoe duurder je wagen en hoe hoger de CO²-uitstoot, hoe groter het belastbaar voordeel zal zijn.

Deze belasting wordt elke maand door gerekend in de bedrijfsvoorheffing die op je loon wordt ingehouden. Netto zal je dus iets minder per maand verdienen met een bedrijfswagen die je ook privé kunt gebruiken.

Altijd belasting?

Betaal je nu altijd belasting op je bedrijfswagen? In de wet staat dat er slechts een belastbaar voordeel is als je privé met de wagen rijdt. Als je de wagen dus enkel tijdens de werkuren gebruikt - denk bijvoorbeeld aan de onderhoudstechnicus van een brouwerij die overdag de bedrijfscamionnette van zijn werkgever gebruikt - dan betaal je geen belasting.

Let wel, als je de wagen gebruikt voor het woon-werkverkeer, dan wordt dit fiscaal wel aanzien als een privé-verplaatsing en betaal je belastingen.

Ruling met de fiscus

In de praktijk zijn er veel discussies met de fiscus over dit al dan niet privégebruik. Daarom worden er daarover ook dikwijls akkoorden - zogenaamde rulings - afgesloten tussen de belastingplichtigen en de fiscus.

In deze akkoorden staat te lezen dat de belastingplichtige met een bedrijfswagen privé niet belast wordt op een voordeel als hij een tweede auto privé heeft, geen woon-werkverkeer met de wagen aflegt en een rittenschema bijhoudt waaruit blijkt dat hij de auto van zijn werk enkel gebruikt voor werkverplaatsingen.

Nieuwe ruling

Er zijn echter ook akkoorden tussen der belastingplichtige en de fiscus waaruit blijkt dat er toch een belastbaar voordeel is zelfs als de belastingplichtige voldoet aan de drie voorwaarden van de vroegere rulings. Het komt er dan eigenlijk op neer dat je altijd belast wordt als je met een bedrijfswagen rijdt.

De wet primeert

Toch moet je niet zo maar toegeven aan de mening van de fiscus. In de wet staat immers nog steeds dat je enkel belastingen betaalt als je ook privé gebruik maakt van de bedrijfswagen. In feite moet de fiscus die je privé wilt belasten op een voordeel in natura, zelf bewijzen dat je privé gebruikt maakt van de wagen.

Toch doe je er goed aan om te bewijzen dat je voldoet aan de drie voorwaarden van de eerste, oudere rulings. Je moet dus bewijzen dat je de wagen niet privé gebruikt aan de hand van zogenaamde feitelijke vermoedens. Bewijs dat je ook een tweede wagen hebt waarmee je de privé verplaatsingen doet en dat je geen woon-werkverkeer hebt met je bedrijfswagen. Hou ook een overzicht bij van de verplaatsingen die je met je bedrijfswagen hebt gemaakt. (JS)

Een bedrijfswagen is een belangrijke aanvulling op je gewone loon. In de meeste gevallen heb je er ook een tankkaart bij waarmee je gratis kunt tanken. Met een bedrijfswagen kan je in principe ook buiten het werk en tijdens het weekend rijden. Voor deze privé-verplaatsingen word je dan belast op een voordeel in natura. Dit voordeel wordt berekend op basis van de CO²-uitstoot van de wagen en van de cataloguswaarde. Hoe duurder je wagen en hoe hoger de CO²-uitstoot, hoe groter het belastbaar voordeel zal zijn. Betaal je nu altijd belasting op je bedrijfswagen? In de wet staat dat er slechts een belastbaar voordeel is als je privé met de wagen rijdt. Als je de wagen dus enkel tijdens de werkuren gebruikt - denk bijvoorbeeld aan de onderhoudstechnicus van een brouwerij die overdag de bedrijfscamionnette van zijn werkgever gebruikt - dan betaal je geen belasting. Let wel, als je de wagen gebruikt voor het woon-werkverkeer, dan wordt dit fiscaal wel aanzien als een privé-verplaatsing en betaal je belastingen. In de praktijk zijn er veel discussies met de fiscus over dit al dan niet privégebruik. Daarom worden er daarover ook dikwijls akkoorden - zogenaamde rulings - afgesloten tussen de belastingplichtigen en de fiscus. In deze akkoorden staat te lezen dat de belastingplichtige met een bedrijfswagen privé niet belast wordt op een voordeel als hij een tweede auto privé heeft, geen woon-werkverkeer met de wagen aflegt en een rittenschema bijhoudt waaruit blijkt dat hij de auto van zijn werk enkel gebruikt voor werkverplaatsingen.Toch moet je niet zo maar toegeven aan de mening van de fiscus. In de wet staat immers nog steeds dat je enkel belastingen betaalt als je ook privé gebruik maakt van de bedrijfswagen. In feite moet de fiscus die je privé wilt belasten op een voordeel in natura, zelf bewijzen dat je privé gebruikt maakt van de wagen. Toch doe je er goed aan om te bewijzen dat je voldoet aan de drie voorwaarden van de eerste, oudere rulings. Je moet dus bewijzen dat je de wagen niet privé gebruikt aan de hand van zogenaamde feitelijke vermoedens. Bewijs dat je ook een tweede wagen hebt waarmee je de privé verplaatsingen doet en dat je geen woon-werkverkeer hebt met je bedrijfswagen. Hou ook een overzicht bij van de verplaatsingen die je met je bedrijfswagen hebt gemaakt. (JS)