Even terug in de tijd. In november 2005 werd het Belgische overheidsenergiebedrijf Electrabel verkocht aan het Franse Suez (nu Engie). Premier Guy Verhofstadt (Open Vld) suste de aandeelhouders, die boos waren omdat hun dividend voortaan twee keer belast zou worden: één keer in Frankrijk en één keer in België. Het was bovendien de zoveelste Belgische parel die aan het buitenland werd verpatst. Verhofstadt beloofde een oplossing voor die dubbele belasting. Maar die kwam er nooit.
...

Even terug in de tijd. In november 2005 werd het Belgische overheidsenergiebedrijf Electrabel verkocht aan het Franse Suez (nu Engie). Premier Guy Verhofstadt (Open Vld) suste de aandeelhouders, die boos waren omdat hun dividend voortaan twee keer belast zou worden: één keer in Frankrijk en één keer in België. Het was bovendien de zoveelste Belgische parel die aan het buitenland werd verpatst. Verhofstadt beloofde een oplossing voor die dubbele belasting. Maar die kwam er nooit.De frustratie over de hoge belastingdruk en de politieke onwil of onkunde om er iets aan te doen, zette een aantal beleggers aan om met de Belgische fiscus in de clinch te gaan. Ze beriepen zich op het dubbelbelastingverdrag tussen België en Frankrijk. Daarin staat een passage over de verrekening van de Franse bronheffing met de Belgische roerende voorheffing. Maar die werd niet meer toegepast."Sinds 1988 voorziet de Belgische wetgeving niet meer in die verrekening via een belastingkrediet", zegt Vincent Lambrecht, directeur vermogensplanning van CapitalatWork. "Er is een hiaat ontstaan in de toepassing van het dubbelbelastingverdrag en daarover heeft het Hof van Cassatie in oktober 2020 een uitspraak gedaan in het voordeel van de beleggers." Eigenlijk kregen de beleggers toen al een tweede keer gelijk van de rechterlijke macht. "Op 16 juni 2017 was er al een arrest van het Hof van Cassatie dat België veroordeelde. Dat arrest werd in oktober 2020 bevestigd", weet Jérémy Gackiere, die zich voor Degroof Petercam bezighoudt met alle vragen over vermogensplanning waar een Frans kantje aan zit. Vorige week kregen de beleggers ook gelijk van de uitvoerende macht. Minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) heeft eind januari bevestigd dat de fiscus zich zal schikken naar het arrest. Voor beleggers maakt dat veel verschil. Voortaan kunnen ze in plaats van 61,04 euro netto 73,84 of zelfs 74,12 euro overhouden van elke 100 euro aan Franse dividenden. Wie de bronheffing verrekend wil zien via een belastingkrediet, moet wel zelf actie ondernemen en met de nodige bewijsstukken op de proppen komen, zoals uittreksels van beursrekeningen. "De minister van Financiën heeft gezegd dat er op de aangifte een lijntje bij komt waar de beleggers de te veel betaalde belasting kunnen melden", stelt Jérémy Gackiere. Volgens Christophe Delanghe, vermogensplanner bij Banque de Luxembourg, zouden beleggers hun eis om teruggave ook al kwijt kunnen in de belastingaangifte zoals we die kennen van vorig jaar. "In Vak VII - Inkomsten uit kapitalen en roerende goederen is er een rubriek F voor inkomsten die aan een bijzonder belastingregime zijn onderworpen." Specifiek voor de dividenden die in 2020 op de rekening kwamen, waarschuwt Anouck Lejeune, senior vermogensplanner bij Puilaetco Dewaay, dat het nu of nooit is. "Franse dividenden waarvoor het volle pond aan Belgische roerende voorheffing op werd ingehouden in 2020, moeten in de aangifte van 2021 worden opgenomen. Zo niet wordt de ingehouden roerende voorheffing bevrijdend en dus definitief." "Wij raden onze klanten aan de verrekening van de in Frankrijk betaalde bronheffing te vragen vanaf 2017 via een bezwaar of een verzoek tot ambtshalve ontheffing", zegt Jérémy Gackiere. Sommige banken, waaronder BNP Paribas Fortis, stellen dat tot 15 procent van 'het nettodividend aan de grens' teruggevorderd kan worden van de Belgische fiscus, zijnde 13,08 euro per 100 euro brutodividend. Sommige fiscalisten menen dat ook tot 2016 teruggegaan kan worden. "Wij zijn voorzichtig", geeft Gackiere toe. "Het gaat voornamelijk over dividenden van Franse aandelen, maar soms ook over dividenden van Franse fondsen", weet Dirk Denies, senior vermogensplanner van ABN AMRO Private Banking. Hij waarschuwt dat beleggers er het best ook rekening mee houden dat ze een stukje anonimiteit opgeven, terwijl de overwinning op de fiscus van korte duur zal zijn. "Naar verluidt is er al een informeel akkoord over een nieuw dubbelbelastingverdrag tussen België en Frankrijk, waarin dat belastingkrediet niet langer is opgenomen." "Dat er veel Franse aandelen in de portefeuilles van onze klanten zitten, is voor een deel historisch gegroeid", zegt Niko Hostyn, die bij Degroof Petercam verantwoordelijk is voor de Vlaamse afdeling vermogensplanning. Er zijn wel wat voorbeelden van Belgische bedrijven die in de loop der jaren Frans werden, zoals het oliebedrijf Petrofina dat in Total opging. De verzekeraar Royal Belge ging op in AXA en Tractebel in Engie. "Daarnaast zijn er grote Franse luxeconcerns, zoals L'Oréal en Hermès, die bijna in elke aandelenportefeuille met een internationale allure een plekje hebben", voegt Hostyn toe. Niet enkel bij de klanten van private banken zijn Franse aandelen populair. Bij Bolero, de onlinebroker van KBC, is Euronext Parijs een van de populairste beurzen, goed voor 12 procent van alle beursorders. Bij Deutsche Bank had 18 procent van de transacties in 2020 betrekking op Franse aandelen. BNP Paribas Fortis weet te vertellen dat 78 procent van de klanten die in individuele aandelen beleggen, minstens één Frans aandeel bezitten. "Dat is in grote mate te verklaren door de grote populariteit van aandelen zoals Engie, Total en Suez", meent een woordvoerder van de bank. Belfius, dat nochtans deels in Franse handen was toen de bank nog Dexia heette, merkt daarentegen "geen uitgesproken interesse in Franse aandelen". "De hoge belastingdruk en de administratieve beslommeringen om de dubbele belasting op Franse dividenden te recupereren zullen daar niet vreemd aan zijn", klinkt het.