De federale regering heeft van fraudebestrijding een speerpunt gemaakt. Minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) jaagt daarom een wet door het parlement die zogenoemde gemengde multidisciplinaire onderzoeksteams mogelijk moet maken. In zo'n team werken het Openbaar Ministerie, de federale gerechtelijke politie en de fiscale administratie geïntegreerd samen. Het doel is de bestrijding van ernstige fiscale fraude.

Een efficiënte en geloofwaardige fraudebestrijding is noodzakelijk. Belastingen zijn nodig om onze welvaartsstaat in stand te houden. Het is oneerlijk en onrechtvaardig dat sommigen de dans ontspringen. Fraude verkleint het draagvlak om eerlijk belastingen te betalen en verhoogt de belastingdruk van diegenen die correct betalen.

Wat voor de fiscus fraude is, kan voor de belastingplichtige geoorloofde belastingontwijking zijn.

Uiteraard zijn er grenzen aan de bestrijding van fraude in onze rechtstaat. Om die reden werd in de jaren tachtig een 'charter van de belastingplichtige' aangenomen. Daardoor mochten fiscale ambtenaren niet langer meewerken aan fiscale strafonderzoeken. Ze mochten alleen nog als getuige worden verhoord. De actieve deelname aan bijvoorbeeld een huiszoeking werd verboden.

Met de multidisciplinaire onderzoeksteams draait Van Peteghem de klok terug. Fiscale ambtenaren mogen van hem voortaan niet enkel deelnemen aan strafonderzoeken. Zij krijgen zelfs de hoedanigheid van 'officier van de gerechtelijke politie'. Dat gaat heel ver. Zij mogen daardoor actief deelnemen aan huiszoekingen, verhoren, inbeslagnames, arrestaties, enzovoort.

Die brute invasieve strafrechtelijke macht van die 'superambtenaren' wordt amper in toom gehouden of gecontroleerd. Eigenlijk is enkel bepaald dat ze die bevoegdheden niet op eigen houtje mogen uitoefenen. Het moet steeds gebeuren op vraag van het Openbaar Ministerie. Voorts moeten ze enkel een legitimatiekaart voorleggen en hun hoedanigheid kenbaar maken. Als burger onderga je zo'n onderzoek lijdzaam. Er is enkel het zwijgrecht.

Het is veel te verregaand om in de strijd tegen fiscale fraude een apparaat in te zetten dat bedoeld is om criminelen en terroristen aan te pakken. Fiscale discussies zijn bijna altijd genuanceerd. Wat voor de fiscus fraude is, kan voor de belastingplichtige geoorloofde belastingontwijking zijn.

Het is te verregaand om in de strijd tegen fiscale fraude een apparaat in te zetten dat bedoeld is om criminelen en terroristen aan te pakken.

De multidisciplinaire teams raken aan het fundament van onze democratische rechtstaat, met name de scheiding der machten. De wetgevende macht vaardigt regels uit, de uitvoerende macht voert ze via ambtenaren uit en de rechterlijke macht waakt daar op een onafhankelijke wijze over. De teams kunnen burgers de grondwettelijke garantie op een onafhankelijke rechterlijke macht ontnemen. Dit doordat de fiscus gedurende het onderzoek de rechterlijke macht infiltreert. Intussen heeft de belastingplichtige tijdens het onderzoek geen toegang tot een onafhankelijke rechter.

Montesquieu draait zich als grondlegger van de scheiding der machten om in zijn graf. Hij wist al dat "om machtsmisbruik te voorkomen, dienen de zaken zodanig te zijn geregeld, dat de macht de macht tot staan brengt".

Wil dat zeggen dat er niets moet gebeuren? Uiteraard niet. De strijd tegen de fiscale fraude moet gevoerd en zelfs opgevoerd worden. Maar niet door superambtenaren in het leven te roepen. Wel door het versterken van de fiscale parketten en de fiscale administratie. Dus meer mensen, meer opleiding, meer informatisering en datamining, eenvoudige en makkelijk te controleren fiscale wetten. Ook zou het verder opwaarderen van functies bij de parketten en de BBI ervoor zorgen dat jonge fiscale toptalenten eerder voor de overheid kiezen dan voor de privé. Die aanpak respecteert niet enkel de rechtstaat, maar levert op termijn ook betere resultaten op. Gewoon doen dus.

De federale regering heeft van fraudebestrijding een speerpunt gemaakt. Minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) jaagt daarom een wet door het parlement die zogenoemde gemengde multidisciplinaire onderzoeksteams mogelijk moet maken. In zo'n team werken het Openbaar Ministerie, de federale gerechtelijke politie en de fiscale administratie geïntegreerd samen. Het doel is de bestrijding van ernstige fiscale fraude. Een efficiënte en geloofwaardige fraudebestrijding is noodzakelijk. Belastingen zijn nodig om onze welvaartsstaat in stand te houden. Het is oneerlijk en onrechtvaardig dat sommigen de dans ontspringen. Fraude verkleint het draagvlak om eerlijk belastingen te betalen en verhoogt de belastingdruk van diegenen die correct betalen. Uiteraard zijn er grenzen aan de bestrijding van fraude in onze rechtstaat. Om die reden werd in de jaren tachtig een 'charter van de belastingplichtige' aangenomen. Daardoor mochten fiscale ambtenaren niet langer meewerken aan fiscale strafonderzoeken. Ze mochten alleen nog als getuige worden verhoord. De actieve deelname aan bijvoorbeeld een huiszoeking werd verboden. Met de multidisciplinaire onderzoeksteams draait Van Peteghem de klok terug. Fiscale ambtenaren mogen van hem voortaan niet enkel deelnemen aan strafonderzoeken. Zij krijgen zelfs de hoedanigheid van 'officier van de gerechtelijke politie'. Dat gaat heel ver. Zij mogen daardoor actief deelnemen aan huiszoekingen, verhoren, inbeslagnames, arrestaties, enzovoort. Die brute invasieve strafrechtelijke macht van die 'superambtenaren' wordt amper in toom gehouden of gecontroleerd. Eigenlijk is enkel bepaald dat ze die bevoegdheden niet op eigen houtje mogen uitoefenen. Het moet steeds gebeuren op vraag van het Openbaar Ministerie. Voorts moeten ze enkel een legitimatiekaart voorleggen en hun hoedanigheid kenbaar maken. Als burger onderga je zo'n onderzoek lijdzaam. Er is enkel het zwijgrecht. Het is veel te verregaand om in de strijd tegen fiscale fraude een apparaat in te zetten dat bedoeld is om criminelen en terroristen aan te pakken. Fiscale discussies zijn bijna altijd genuanceerd. Wat voor de fiscus fraude is, kan voor de belastingplichtige geoorloofde belastingontwijking zijn.De multidisciplinaire teams raken aan het fundament van onze democratische rechtstaat, met name de scheiding der machten. De wetgevende macht vaardigt regels uit, de uitvoerende macht voert ze via ambtenaren uit en de rechterlijke macht waakt daar op een onafhankelijke wijze over. De teams kunnen burgers de grondwettelijke garantie op een onafhankelijke rechterlijke macht ontnemen. Dit doordat de fiscus gedurende het onderzoek de rechterlijke macht infiltreert. Intussen heeft de belastingplichtige tijdens het onderzoek geen toegang tot een onafhankelijke rechter. Montesquieu draait zich als grondlegger van de scheiding der machten om in zijn graf. Hij wist al dat "om machtsmisbruik te voorkomen, dienen de zaken zodanig te zijn geregeld, dat de macht de macht tot staan brengt". Wil dat zeggen dat er niets moet gebeuren? Uiteraard niet. De strijd tegen de fiscale fraude moet gevoerd en zelfs opgevoerd worden. Maar niet door superambtenaren in het leven te roepen. Wel door het versterken van de fiscale parketten en de fiscale administratie. Dus meer mensen, meer opleiding, meer informatisering en datamining, eenvoudige en makkelijk te controleren fiscale wetten. Ook zou het verder opwaarderen van functies bij de parketten en de BBI ervoor zorgen dat jonge fiscale toptalenten eerder voor de overheid kiezen dan voor de privé. Die aanpak respecteert niet enkel de rechtstaat, maar levert op termijn ook betere resultaten op. Gewoon doen dus.