In Vlaanderen zijn veel multinationals actief. Vlaanderen dankt zijn welvaart evenwel vooral aan de vele kmo's. Zij maken onze economie bijzonder robuust. Op vele vlakken is een kmo efficiënter en wendbaarder dan een multinational. Maar de grote uitdaging voor een kmo is de opvolging. Zelfs met een goede voorbereiding is dat een moeilijk en precair proces. Meer dan eens gaat een kmo eraan kapot. Hierdoor verdwijnt de maatschappelijke toegevoegde waarde, zoals werkgelegenheid.

Het vliegwiel op deze problematiek is de schenk- en erfbelasting. Bij een onverwacht overlijden moet immers niet alleen operationeel worden gezorgd voor continuïteit. Er moet ook een fikse fiscale rekening worden betaald. De erfbelasting in Vlaanderen in rechte lijn en tussen partners loopt op tot 27 procent. Voor verdere graden van verwantschap is dat zelfs 55 procent. Vaak wordt die belasting uit de kmo gehaald. Daardoor komt de onderneming in financiële problemen.

Met het oog op het behoud van de werkgelegenheid heeft Europa daarom dertig jaar geleden aanbevolen maatregelen te nemen in de schenk- en erfbelasting voor kmo's. Vlaanderen is met die aanbeveling vrijwel onmiddellijk aan de slag gegaan. Al heel lang is er in Vlaanderen een heel gunstig regime voor het vererven en schenken van kmo's. Schenken kan vandaag belastingvrij. Erven gebeurt tegen 3 of 7 procent. Dat gunstregime is een heel goede zaak, niet het minst voor de werkgelegenheid.

Vrijwaar het gunstregime voor de overdracht van kmo's.

Maar al van bij het prille begin wordt er ook mee geworsteld. Dat blijkt uit de talloze wijzigingen die het regime door de jaren heen heeft ondergaan. Sinds 2015 mengt ook de Vlaamse Belastingdienst (Vlabel) zich in de debatten. Dat heeft jammer genoeg alleen maar geleid tot nog meer instabiliteit en rechtsonzekerheid. Vlabel meent vaak te weten wat het parlement bedoelde, zonder dat het parlement iets in het decreet heeft opgenomen als voorwaarde. Eigengereid voegt Vlabel zo voorwaarden toe aan het decreet. Aangezien dat niet mag in een rechtstaat, volgen de veroordelingen.

Zo is het ook nu weer gegaan. Kan het gunstregime worden toegepast als er relatief veel privévastgoed zit in een economisch actieve kmo? Het decreet zegt ja, maar Vlabel vindt van niet. Zou datzelfde beleggingsvermogen niet in de vennootschap zitten, dan zou het tegen volle pot belast zijn, luidt het bij Vlabel. En dat is niet eerlijk. Maar dat soort redenering passeert niet in een rechtbank, waar het decreet wordt toegepast. En dus oordeelde het hof van beroep dat het gunstregime ook van toepassing is als een economisch actieve kmo veel privévastgoed bezit.

Dat arrest is een doorn in het oog van sommigen. De partij Vooruit diende al een voorstel van decreet in. Het houdt in dat zodra er privévastgoed zit in een kmo, het gunstregime compleet vervalt. Dat draconische voorstel is niet echt fijnmazig of slim te noemen. Een bakker die boven zijn bakkerij woont of een kmo die naast het bedrijf een conciërgewoning heeft staan, zou dan voluit belast moeten worden. Dat is uiteraard ook niet de bedoeling.

Zonder dat men het klaarblijkelijk kan duiden, wil men alleen het ondernemingsvermogen gunstig behandelen, en niet het beleggingsvermogen (zoals privévastgoed, schilderijen, overtollige liquiditeiten of oldtimers). Maar als men dat wil doen, zijn er veel slimmere manieren dan dat voorstel van Vooruit. Vlaanderen hoeft daarvoor zelfs het warm water niet opnieuw uit te vinden. Het volstaat de mosterd te halen bij de Nederlandse bedrijfsopvolgingsregeling (BOR). Met een kleine correctie wordt daar de waarde van beleggingsvermogen in een kmo tegen de normale tarieven belast. De waarde van de onderneming zelf wordt grotendeels vrijgesteld. Een Vlaamse BOR zou rust en rechtszekerheid brengen voor de Vlaamse ondernemers. Die is dringend nodig, na 25 jaar flipfloppen en experimenteren.

In Vlaanderen zijn veel multinationals actief. Vlaanderen dankt zijn welvaart evenwel vooral aan de vele kmo's. Zij maken onze economie bijzonder robuust. Op vele vlakken is een kmo efficiënter en wendbaarder dan een multinational. Maar de grote uitdaging voor een kmo is de opvolging. Zelfs met een goede voorbereiding is dat een moeilijk en precair proces. Meer dan eens gaat een kmo eraan kapot. Hierdoor verdwijnt de maatschappelijke toegevoegde waarde, zoals werkgelegenheid. Het vliegwiel op deze problematiek is de schenk- en erfbelasting. Bij een onverwacht overlijden moet immers niet alleen operationeel worden gezorgd voor continuïteit. Er moet ook een fikse fiscale rekening worden betaald. De erfbelasting in Vlaanderen in rechte lijn en tussen partners loopt op tot 27 procent. Voor verdere graden van verwantschap is dat zelfs 55 procent. Vaak wordt die belasting uit de kmo gehaald. Daardoor komt de onderneming in financiële problemen. Met het oog op het behoud van de werkgelegenheid heeft Europa daarom dertig jaar geleden aanbevolen maatregelen te nemen in de schenk- en erfbelasting voor kmo's. Vlaanderen is met die aanbeveling vrijwel onmiddellijk aan de slag gegaan. Al heel lang is er in Vlaanderen een heel gunstig regime voor het vererven en schenken van kmo's. Schenken kan vandaag belastingvrij. Erven gebeurt tegen 3 of 7 procent. Dat gunstregime is een heel goede zaak, niet het minst voor de werkgelegenheid.Maar al van bij het prille begin wordt er ook mee geworsteld. Dat blijkt uit de talloze wijzigingen die het regime door de jaren heen heeft ondergaan. Sinds 2015 mengt ook de Vlaamse Belastingdienst (Vlabel) zich in de debatten. Dat heeft jammer genoeg alleen maar geleid tot nog meer instabiliteit en rechtsonzekerheid. Vlabel meent vaak te weten wat het parlement bedoelde, zonder dat het parlement iets in het decreet heeft opgenomen als voorwaarde. Eigengereid voegt Vlabel zo voorwaarden toe aan het decreet. Aangezien dat niet mag in een rechtstaat, volgen de veroordelingen. Zo is het ook nu weer gegaan. Kan het gunstregime worden toegepast als er relatief veel privévastgoed zit in een economisch actieve kmo? Het decreet zegt ja, maar Vlabel vindt van niet. Zou datzelfde beleggingsvermogen niet in de vennootschap zitten, dan zou het tegen volle pot belast zijn, luidt het bij Vlabel. En dat is niet eerlijk. Maar dat soort redenering passeert niet in een rechtbank, waar het decreet wordt toegepast. En dus oordeelde het hof van beroep dat het gunstregime ook van toepassing is als een economisch actieve kmo veel privévastgoed bezit. Dat arrest is een doorn in het oog van sommigen. De partij Vooruit diende al een voorstel van decreet in. Het houdt in dat zodra er privévastgoed zit in een kmo, het gunstregime compleet vervalt. Dat draconische voorstel is niet echt fijnmazig of slim te noemen. Een bakker die boven zijn bakkerij woont of een kmo die naast het bedrijf een conciërgewoning heeft staan, zou dan voluit belast moeten worden. Dat is uiteraard ook niet de bedoeling. Zonder dat men het klaarblijkelijk kan duiden, wil men alleen het ondernemingsvermogen gunstig behandelen, en niet het beleggingsvermogen (zoals privévastgoed, schilderijen, overtollige liquiditeiten of oldtimers). Maar als men dat wil doen, zijn er veel slimmere manieren dan dat voorstel van Vooruit. Vlaanderen hoeft daarvoor zelfs het warm water niet opnieuw uit te vinden. Het volstaat de mosterd te halen bij de Nederlandse bedrijfsopvolgingsregeling (BOR). Met een kleine correctie wordt daar de waarde van beleggingsvermogen in een kmo tegen de normale tarieven belast. De waarde van de onderneming zelf wordt grotendeels vrijgesteld. Een Vlaamse BOR zou rust en rechtszekerheid brengen voor de Vlaamse ondernemers. Die is dringend nodig, na 25 jaar flipfloppen en experimenteren.