Het Belgische erfrecht verandert na de zomer. De Vlaamse erfbelasting moet volgen. De Vlaamse regering maakt van de gelegenheid gebruik een belastingverlaging door te voeren.

Op 1 september treedt het nieuwe Belgische erfrecht in werking. Voor een grondige hervorming van de erf- en schenkbelasting was de deadline te krap en de budgettaire marge te klein. De Vlaamse overheid int in een jaar ongeveer 1,3 miljard euro belastingen op erfenissen en schenkingen. Bij de start van de onderhandelingen was bepaald dat de inkomsten maximaal met 117 miljoen euro mochten zakken. Dat bedrag werd tijdens de besprekingen opgetrokken tot 139 miljoen euro, wat overeenstemt met een belastingverlaging van bijna 11 procent.

Het is duidelijk dat elke regeringspartij in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen een cadeautje voor de kiezers wou. We zouden de aanleiding voor de minihervorming van de Vlaamse erfbelasting bijna vergeten: het nieuwe erfrecht dat op het federale niveau tot stand kwam. Hélène Casman van Greenille by Laga, een autoriteit in familiaal vermogensrecht, klinkt dan ook vernietigend over de maatregelen waarmee de Vlaamse regering vorige vrijdag naar buiten kwam. "Van de aanpassing van de erfbelasting aan het nieuwe erfrecht is nauwelijks sprake."

"Het nieuwe erfrecht introduceert begrippen en instrumenten die zonder wijziging van de belastingwetgeving dode letter zullen blijven", zegt Casman. Ze maakt zich zorgen over de belastingangel in het familiepact dat vanaf 1 september kan worden afgesloten. Een familiepact is een overeenkomst tussen ouders en kinderen, waarin ze op zoek gaan naar een evenwicht tussen schenkingen en waarin alle ontvangen voordelen worden verrekend.

"Wat gebeurt er met oude schenkingen die in het pact worden vermeld? Volgens de huidige wetteksten moet daar 3 procent schenkbelasting op betaald worden, als dat nog niet gebeurd is. De mensen willen geen belastingen meer betalen op hand- en bankgiften van tien jaar geleden", zegt Casman. Ze vreest dat er nauwelijks overeenkomsten zullen worden afgesloten. En dat is jammer, want er zouden veel familieruzies over erfenissen mee worden vermeden.

Het is duidelijk dat de hervorming vooral draaide om de verlaging van de erfbelasting. Daarom zetten we op een rij wie erop vooruitgaat en wie niet.

Verre familie en vrienden

Het hoogste tarief van 65 procent was de Vlaamse regering een doorn in het oog. Dat wordt vanaf 1 september 55 procent. Een extra toemaatje is dat voor kleine erfenissen van minder dan 35.000 euro een nieuw, lager tarief van 25 procent wordt gecreëerd.

Het hoogste tarief wordt vanaf 1 september 55 procent in de plaats van 65 procent

Naar schatting 10.000 à 11.000 erfgenamen per jaar worden momenteel tegen het hoogste tarief van 65 procent belast. Het is van toepassing op broers of zussen die in hun eentje meer dan 125.000 euro roerend en/of onroerend vermogen erven of op verre familie of vrienden die een deel van een nagelaten vermogen van meer dan 125.000 euro erven. Het tarief is enkel van toepassing op het deel boven 125.000 euro.

Voor partners en erfgenamen in rechte lijn is er een oplopend tarief van 3 procent (<50.000 euro), 9 procent (50.000-250.000 euro) en een maximum van 27 procent (>250.000 euro) en dat blijft zo. Voor die erfgenamen wordt een opsplitsing gemaakt tussen onroerende en roerende goederen, zodat ze twee keer kunnen erven tegen de lagere tarieven. Voor broers, zussen en andere erfgenamen is dat niet het geval.

Partners

De gezinswoning was al langer vrijgesteld van erfbelasting voor de langstlevende partner. Vanaf 1 september moet de langstlevende partner ook geen belasting meer betalen op de eerste schijf van 50.000 euro aan roerend vermogen die hij of zij erft van zijn partner. De nieuwe vrijstelling levert een maximale belastingbesparing van 1500 euro op.

Het blijft enigszins vreemd dat een woning van 1 miljoen euro belastingvrij kan worden doorgegeven, terwijl wel erfbelasting verschuldigd is op geld of beleggingen die veel minder waard zijn. Daar spelen natuurlijk pragmatische overwegingen mee. Het is veel ingrijpender de gezinswoning te moeten verkopen om de erfbelasting te betalen, dan wat aandelen uit een beleggingsportefeuille te gooien.

Het blijft vreemd dat een woning van 1 miljoen euro belastingvrij kan worden doorgegeven, terwijl wel erfbelasting verschuldigd is op geld of beleggingen die veel minder waard zijn

Bart Verdickt, partner bij Greenille by Laga, vindt desalniettemin dat die vrijstelling voor het roerende vermogen niet ver genoeg gaat. "Als mensen aan het einde van hun leven hun gezinswoning verkopen en in een assistentiewoning of een rusthuis gaan wonen, dan staat dat geld op de rekening. Bij een overlijden van een van de partners moet dan op de helft van het gemeenschappelijke vermogen erfbelasting worden betaald. Als ze gewoon in hun woning waren gebleven, dan had de langstlevende partner niets moeten betalen. Dat onderscheid kun je niet verantwoorden", vindt Verdickt. Hij zit op dezelfde lijn als Open Vld en denkt dat de erfbelasting tussen partners op termijn volledig op de schop moet.

Kinderen onder 21 jaar die beide ouders verliezen

De N-VA mikte op een volledige vrijstelling van erfbelasting voor kinderen tot 21 jaar. Het werd een vrijstelling van erfbelasting voor de gezinswoning en voor de eerste schijf van 75.000 euro aan roerend vermogen. Enkel kinderen die hun beide ouders verliezen, hebben recht op die vrijstellingen. Als een van beide ouders nog leeft, dan verandert er dus niets.

Het maximale voordeel van de vrijstelling voor de gezinswoning valt niet te berekenen, omdat het afhankelijk is van de waarde van de woning en omdat er geen plafond op staat. De vrijstelling voor geld en beleggingen die deze kinderen erven, is goed voor een besparing van maximaal 3750 euro aan erfbelastingen. Het is maar een schrale troost voor wie ouderloos achterblijft, maar beter dan niets.

Kleinkinderen die erven na erfenissprong

Erfenissen zullen een jaar lang kosteloos kunnen worden doorgegeven aan erfgenamen in rechte lijn. Er zal dus enkel erfbelasting verschuldigd zijn bij het overlijden van de grootouders en niet bij het overdragen van een deel van de erfenis aan de kleinkinderen binnen een jaar na het overlijden.

Een erfenissprong is nu ook al mogelijk, maar dan moeten mensen de volledige erfenis weigeren om ze te laten doorsijpelen naar hun kinderen. Vanaf 1 september zal ook een gedeeltelijke erfenissprong mogelijk zijn. Door de hogere levensverwachting hebben kinderen de erfenis vaak niet meer nodig op het moment dat ze ze krijgen, maar de kleinkinderen kunnen het geld misschien wel goed gebruiken om bijvoorbeeld een woning te kopen.

De sneuvelnota

Verschillende politieke partijen kwamen de voorbije weken naar buiten met hun lijst met wensen. Voor sommige van die ideeën waren de politici duidelijk schatplichtig aan een blauwdruk voor een grondige hervorming van de erf- en schenkbelasting die de fiscaal advocaten Mark Delanote en Michel Maus van Bloomlaw twee jaar geleden al opstelden.

De N-VA nam bijvoorbeeld het idee over van een 'beste vriend' die alleenstaanden zouden kunnen aanwijzen en die zou erven tegen dezelfde tarieven als de erfgenamen in rechte lijn. In het voorstel van Delanote en Maus heette dat een BFF, de Angelsaksische afkorting voor best friends forever die jongeren vaak gebruiken.

De sp.a nam de vrijstelling van schenkingen en erfenissen tot 250.000 euro over de hele levensloop over. Verdickt: "Dat is de grootste bron van inkomsten en dus budgettair niet haalbaar." De sp.a wil het gunstregime voor de overdracht van familiale ondernemingen opofferen om die vrijstelling te kunnen betalen, maar dat vinden de meeste fiscalisten geen optie.

'Als je een vrijstelling voor erfenissen en schenkingen tot 250.000 euro wil, dan heb je een verplichte registratie van die schenkingen nodig'

"Dan breng je het voortbestaan van die familiale ondernemingen ernstig in gevaar", zegt Gerd D Goyvaerts, fiscaal advocaat bij Tiberghien. "In de meeste westerse geïndustrialiseerde landen bestaan zulke vrijstellingen voor familiebedrijven. Als je een vrijstelling voor erfenissen en schenkingen tot 250.000 euro wil, dan heb je dus een verplichte registratie van die schenkingen nodig en daarvoor is het Vlaams Gewest niet bevoegd. Dat moet op het federale niveau geregeld worden met een tweederdemeerderheid. Dat kan niet zomaar."

Delanote en Maus zijn het ermee eens dat het afschaffen van het gunststelsel voor familiale ondernemingen risico's meebrengt, maar ook zij zochten geld in die hoek om een vrijstelling voor iedereen te financieren. "De voorwaarden kunnen veel strikter worden omschreven. De regering kan bijvoorbeeld een garantie voor effectieve tewerkstelling eisen en investeringsgoederen in vennootschappen uitsluiten", vindt Delanote. Verdickt daarentegen merkt op dat al verschillende keren is gesleuteld aan de voorwaarden om misbruiken te voorkomen. Hij vindt de voorwaarde van economische activiteit en continuïteit voldoende.

Hélène Casman heeft net als Maus en Delanote een probleem met het onderscheid tussen erfenissen en schenkingen dat de fiscus maakt. "Alleen diegenen die voldoende overhouden om comfortabel te leven, kunnen schenken tegen een vlak tarief van 3 procent. Ouders staan onder druk. Ze voelen zich slechte ouders als ze niet schenken. En kinderen spelen dat soms zonder scrupules uit. Die druk moet weg, zodat schenkingen weloverwogen kunnen gebeuren."

Een politieke keuze

Vlaams minister van Financiën Bart Tommelein (Open Vld) geeft in zijn communicatie duidelijk aan dat in de toekomst nog hervormingen van de erfbelasting nodig zullen zijn. "Het is aan de politiek om keuzes te maken", zegt Dirk Van de Gaer, professor sociale economie aan de UGent, die vrij recent met twee collega's van de London School of Economics een simulatie maakte van het effect van erf- en schenkbelastingen op ongelijkheid.

Er zijn altijd twee manieren om naar erfenissen en schenkingen te kijken: vanuit het standpunt van diegene die iets geeft en vanuit het standpunt van diegene die iets krijgt

"Op de lange termijn kunnen de erf- en de schenkbelastingen een belangrijk instrument zijn om ongelijkheid te verminderen. Een relatief beperkt belastingtarief sorteert een substantieel effect. Je voelt ook aan dat het succes van die herverdeling afhangt van het dichten van de achterpoortjes op internationaal niveau."

Er zijn natuurlijk ook andere manieren om ongelijkheid te bestrijden. Van de Gaer voegt er nog aan toe dat er altijd twee manieren zijn om naar erfenissen en schenkingen te kijken: vanuit het standpunt van diegene die iets geeft en vanuit het standpunt van diegene die iets krijgt. "Wie iets geeft, heeft daarop al belastingen betaald. Wie iets krijgt niet. Als je 100.000 euro verwerft door te werken, dan betaal je daar maximaal 55 procent belastingen op. Als je 100.000 euro verwerft door een schenking, dan betaal je nauwelijks of geen belastingen. Als je het op die manier bekijkt, dan is dat een grote discrepantie."

Lees ook

Over de erfbelasting bestaan veel en uiteenlopende opvattingen. In de komende dagen laten we op MoneyTalk experts uit verschillende domeinen aan het woord, steeds met een eigen invalshoek.

'De erfbelasting is niet meer van deze tijd'

'De erf- en schenkbelasting is nodeloos complex'