Steeds meer koppels kiezen voor een wettelijk samenlevingscontract, terwijl het aantal mensen dat trouwt voor de wet wat terrein moet inleveren..Dat blijkt uit een onderzoek naar de populariteit en de kostprijs van trouwen, dat Radio 2 eerder deze week publiceerde.

Uit de laatste cijfers van de FOD Economie over het jaar 2013 blijkt zelfs dat het aantal huwelijken in verhouding tot de gemiddelde bevolking historisch laag ligt. Nochtans ziet Sven Hubrecht, inheritance tax planner bij Optima, vooral financiële en fiscale voordelen bij het huwelijk.

"Als je stilstaat bij de financiële en de fiscale mogelijkheden van een huwelijk, is het een vreemde evolutie dat steeds meer mensen kiezen voor wettelijk samenwonen," zegt Sven Hubrecht, "want trouwen loont." De cijfers van de FOD Economie wijzen uit dat steeds meer jonge koppels trouwen uitstellen. De gemiddelde leeftijd van mensen die in het huwelijksbootje stappen, is in 2013 met vier jaar gestegen ten opzichte van het jaar 2000. Uit datzelfde onderzoek blijkt dat meer dan één op twee koppels een echtscheiding aanvraagt.

"Uit het onderzoek van Radio 2 blijkt dat velen het bij hun ouders zagen mislopen en beter willen doen. Veel mensen zijn bang voor een (v)echtscheiding. En dat blijkt terecht, als je ziet dat nog steeds meer dan één op twee koppels een echtscheiding aanvraagt. Daar komt ook bij dat jongeren langer studeren en eerst werk willen maken van hun carrière."

Tussenstap

Sven Hubrecht ziet dat wettelijk samenwonen daarom ook vaak een tussenstap is tussen feitelijk samenwonen en trouwen. "Dat geeft jonge koppels meer gemoedsrust, en meer garantie om niet in een mislukt huwelijk te belanden. Een samenlevingscontract biedt dan ook wel enkele mogelijkheden om erfenissen en geldzaken te regelen. Zo is bijvoorbeeld de gezamenlijke aangifte van de personenbelasting een voordeel. Maar die voordelen vervallen in het niets in vergelijking met een huwelijkscontract, daarbij zijn de mogelijkheden veel uitgebreider."

Bescherming

Het grootste verschil op juridisch vlak is de bescherming van de partner, trouwen is daarom ook vooral een daad van solidariteit. Zeker als de ene partner vermogender is dan de andere. Wettelijk samenwonen biedt weinig tot geen bescherming. Zo worden voorhuwelijkse inkomsten bijvoorbeeld niet gerekend tot de zogenaamde "huwelijksvoordelen". De inkomsten die gehuwden tijdens het huwelijk opbouwen kunnen ze aan elkaar toebedelen via het huwelijkscontract. Wettelijk samenwonenden kunnen een samenlevingsovereenkomst opstellen, maar daarmee valt vermogensrechtelijk niet zo veel te doen.

'Trouwen loont': financieel pleidooi voor het huwelijk

In principe erft de langstlevende echtgenoot na overlijden van de partner het vruchtgebruik, maar via een testament kan dat beperkt worden tot 50%. Wettelijk samenwonenden erven het vruchtgebruik op de gezinswoning en de huisraad, maar dat vruchtgebruik kan volledig ontnomen worden. Via een huwelijkscontract ben je dus beter beschermd.

Ontbinding contracten

Een ander groot verschil is de ontbinding van beide contracten. Een samenlevingscontract kan eenzijdig en zonder motivatie beëindigd worden. In principe gebeurt dat ook zonder een regeling te treffen rond onderhoudsgeld voor de minst vermogende of iets dergelijks. Gehuwden kunnen niet zomaar eenzijdig beslissen om het huwelijkscontract te beëindigen. Dat kan alleen als beide partners akkoord gaan, of via de rechtbank.

Successieplanning

"Ook wat de successieplanning betreft, biedt een huwelijkscontract meer mogelijkheden", merkt Sven Hubrecht nog op. "Zo kan een schenking tussen echtgenoten herroepen worden, terwijl schenkingen tussen wettelijk samenwonenden zijn altijd onherroepelijk. Bij overlijden van één van de partners, is de uitkering van het kapitaal in een groepsverzekering belastingvrij als die toekomt aan de echtgenoot en/of kinderen onder 21 jaar. De uitkering van dat kapitaal aan de langstlevende partner is in een samenlevingscontract wel onderworpen aan erfbelasting. Het Grondwettelijk Hof oordeelde dat die verschillende behandeling niet discriminerend is."

Trouwen loont, in vrijwel elk opzicht. Wettelijk samenwonen mag dan een voorzichtige tussenstap zijn, maar biedt niet de bescherming die een liefhebbend koppel elkaar graag gunt. (SH)

Steeds meer koppels kiezen voor een wettelijk samenlevingscontract, terwijl het aantal mensen dat trouwt voor de wet wat terrein moet inleveren..Dat blijkt uit een onderzoek naar de populariteit en de kostprijs van trouwen, dat Radio 2 eerder deze week publiceerde. Uit de laatste cijfers van de FOD Economie over het jaar 2013 blijkt zelfs dat het aantal huwelijken in verhouding tot de gemiddelde bevolking historisch laag ligt. Nochtans ziet Sven Hubrecht, inheritance tax planner bij Optima, vooral financiële en fiscale voordelen bij het huwelijk."Als je stilstaat bij de financiële en de fiscale mogelijkheden van een huwelijk, is het een vreemde evolutie dat steeds meer mensen kiezen voor wettelijk samenwonen," zegt Sven Hubrecht, "want trouwen loont." De cijfers van de FOD Economie wijzen uit dat steeds meer jonge koppels trouwen uitstellen. De gemiddelde leeftijd van mensen die in het huwelijksbootje stappen, is in 2013 met vier jaar gestegen ten opzichte van het jaar 2000. Uit datzelfde onderzoek blijkt dat meer dan één op twee koppels een echtscheiding aanvraagt. "Uit het onderzoek van Radio 2 blijkt dat velen het bij hun ouders zagen mislopen en beter willen doen. Veel mensen zijn bang voor een (v)echtscheiding. En dat blijkt terecht, als je ziet dat nog steeds meer dan één op twee koppels een echtscheiding aanvraagt. Daar komt ook bij dat jongeren langer studeren en eerst werk willen maken van hun carrière."Sven Hubrecht ziet dat wettelijk samenwonen daarom ook vaak een tussenstap is tussen feitelijk samenwonen en trouwen. "Dat geeft jonge koppels meer gemoedsrust, en meer garantie om niet in een mislukt huwelijk te belanden. Een samenlevingscontract biedt dan ook wel enkele mogelijkheden om erfenissen en geldzaken te regelen. Zo is bijvoorbeeld de gezamenlijke aangifte van de personenbelasting een voordeel. Maar die voordelen vervallen in het niets in vergelijking met een huwelijkscontract, daarbij zijn de mogelijkheden veel uitgebreider."Het grootste verschil op juridisch vlak is de bescherming van de partner, trouwen is daarom ook vooral een daad van solidariteit. Zeker als de ene partner vermogender is dan de andere. Wettelijk samenwonen biedt weinig tot geen bescherming. Zo worden voorhuwelijkse inkomsten bijvoorbeeld niet gerekend tot de zogenaamde "huwelijksvoordelen". De inkomsten die gehuwden tijdens het huwelijk opbouwen kunnen ze aan elkaar toebedelen via het huwelijkscontract. Wettelijk samenwonenden kunnen een samenlevingsovereenkomst opstellen, maar daarmee valt vermogensrechtelijk niet zo veel te doen.In principe erft de langstlevende echtgenoot na overlijden van de partner het vruchtgebruik, maar via een testament kan dat beperkt worden tot 50%. Wettelijk samenwonenden erven het vruchtgebruik op de gezinswoning en de huisraad, maar dat vruchtgebruik kan volledig ontnomen worden. Via een huwelijkscontract ben je dus beter beschermd.Een ander groot verschil is de ontbinding van beide contracten. Een samenlevingscontract kan eenzijdig en zonder motivatie beëindigd worden. In principe gebeurt dat ook zonder een regeling te treffen rond onderhoudsgeld voor de minst vermogende of iets dergelijks. Gehuwden kunnen niet zomaar eenzijdig beslissen om het huwelijkscontract te beëindigen. Dat kan alleen als beide partners akkoord gaan, of via de rechtbank."Ook wat de successieplanning betreft, biedt een huwelijkscontract meer mogelijkheden", merkt Sven Hubrecht nog op. "Zo kan een schenking tussen echtgenoten herroepen worden, terwijl schenkingen tussen wettelijk samenwonenden zijn altijd onherroepelijk. Bij overlijden van één van de partners, is de uitkering van het kapitaal in een groepsverzekering belastingvrij als die toekomt aan de echtgenoot en/of kinderen onder 21 jaar. De uitkering van dat kapitaal aan de langstlevende partner is in een samenlevingscontract wel onderworpen aan erfbelasting. Het Grondwettelijk Hof oordeelde dat die verschillende behandeling niet discriminerend is."Trouwen loont, in vrijwel elk opzicht. Wettelijk samenwonen mag dan een voorzichtige tussenstap zijn, maar biedt niet de bescherming die een liefhebbend koppel elkaar graag gunt. (SH)