Het verkiezingsjaar 2019 lijkt nog veraf, maar de politieke partijen stretchen zich al warm voor een allicht boeiende kiescampagne. Het ziet er sterk naar uit dat de fiscaliteit een cruciaal thema wordt. Enkele weken geleden trapten Groen en Open Vld de strijd om de kiezer op gang. Groen pleitte voor een welvaartsgarantie, een versie van het basisinkomen, en Open Vld stelde een sociale vlaktaks voor.
...

Het verkiezingsjaar 2019 lijkt nog veraf, maar de politieke partijen stretchen zich al warm voor een allicht boeiende kiescampagne. Het ziet er sterk naar uit dat de fiscaliteit een cruciaal thema wordt. Enkele weken geleden trapten Groen en Open Vld de strijd om de kiezer op gang. Groen pleitte voor een welvaartsgarantie, een versie van het basisinkomen, en Open Vld stelde een sociale vlaktaks voor. Als reactie liet N-VA-minister Johan Van Overtveldt weten dat ook hij werkt aan een belastinghervorming en de Hoge Raad voor Financiën opdracht heeft gegeven tegen eind 2018, net voor de verkiezingen, plannen uit te werken om de torenhoge belastingdruk voor werknemers aan te pakken en de fiscaliteit aan te passen aan de veranderende samenleving. Ik ben de eerste om te pleiten voor fiscale hervormingen, maar nu begin ik mij toch de vraag te stellen of onze politici niet te veel bezig zijn met een fiscale schoonheidswedstrijd om elkaar de loef af te steken. Onze fiscaliteit is uitgegroeid tot een hypercomplex gedrocht. En het moet gezegd dat de regering-Michel geen bijdrage heeft geleverd aan een vereenvoudiging, integendeel. Nieuwe maatregelen doen de wankele fiscale onderbouw nog maar eens groeien met nieuwe koterijen. Alvorens uit te pakken met nieuwe fiscale voorstellen is het misschien tijd voor de politiek om terug te keren naar de basis en zich af te vragen welke fundamenten ons fiscale systeem dragen. Op basis daarvan kan men zich bezinnen over een duidelijke toekomstvisie. Dat is onontbeerlijk, willen we niet nog jaren vasthangen aan wildschieterij, waarbij volgens de waan van de dag fiscale regelgeving wordt geproduceerd.Bij het ontstaan van België in 1830 hebben onze politieke voorvaderen beslist dat er drie fundamenten zijn voor ons fiscale systeem: legaliteit, gelijkheid en eenjarigheid. Die principes staan niet ter discussie.De vraag die we ons moeten stellen, is of we 200 jaar later niet moeten overwegen die fundamenten te versterken met basisprincipes. Dat is cruciaal voor de uitbouw van een modern fiscaal stelsel. Wat zijn de uitgangspunten van ons fiscale beleid en welke langetermijnvisie hebben wij met fiscaliteit? Is er een fiscaal 'sterkste schouders, zwaarste lasten'-axioma? Moet fiscaliteit wel gebruikt worden om gedrag te sturen? Dat zijn vragen die moeten worden beantwoord.Het is daarom noodzakelijk een aantal nieuwe fiscale basisbeginselen op te stellen om een duidelijk kader te vormen voor elk fiscaal beleid, zoals distributiviteit, wederkerigheid en redelijkheid. Distribituviteit impliceert dat belastingen moeten herverdelen. Dat is al het geval in zoverre de opbrengst van belastingen wordt gebruikt om collectieve voorzieningen te financieren. Maar het lijkt aangewezen dat de belastingheffing zelf ook herverdelend werkt. Dat kan door te belasten via progressieve tarieven in functie van inkomen, vermogen, CO2-vervuiling enzovoort., maar ook door te werken met een vlaktaks en de fiscale aftrek- en gunstregimes degressief te maken.Wederkerigheid impliceert dat fiscale regimes quid pro quo moeten werken. Dat betekent dat gunstregimes niet amorf mogen zijn, zoals de notionele-intrestaftrek of de forfaitaire aftrek van beroepskosten. Wie recht wil hebben op een fiscale aftrek of vrijstelling moet daarvoor iets terugdoen, zoals de economie stimuleren via investeringen, werkgelegenheid creëren, het milieu verbeteren, enzovoort. Redelijkheid vertrekt van de gedachte dat een belastingheffing afbreuk doet aan het recht op eigendom en derhalve proportioneel moet zijn. Belastingheffing impliceert enerzijds dat we van iedereen een minimale fiscale bijdrage mogen verwachten, maar anderzijds dat we die fiscale bijdrage maximaal moeten beperken. Dat kan door vast te leggen dat de belastingdruk nooit boven een bepaald niveau mag stijgen.Een stabiel fiscaal systeem vereist stevige fundamenten. Het is pas als die fundamenten er duidelijk zijn, dat een bouwplan kan worden uitgetekend voor een fiscaal systeem dat in de komende decennia stormen en orkanen kan doorstaan. Die fundamenten gieten en versterken moet de prioritaire opdracht van de politiek zijn.