De fiscale wetgeving wordt hervormd. Dat is ook nodig, daar is iedereen het over eens. Het is voor de federale regering niettemin geen sinecure om een heldere lijn in dat kluwen aan te brengen. De eerste kleine stappen worden momenteel genomen, maar wat blijkt? De eerste initiatieven lijken de fiscale onzekerheid voor de Belgische bedrijfswereld alleen maar te versterken. Als de regering niet oplet, dan bereikt ze het tegenovergestelde van wat ze wil. Dan verliest België economische aantrekkingskracht.

Er gaat geen week voorbij of een nieuw alarmlichtje op ons economische dashboard licht rood op. De bigdataspeler Collibra kondigde aan dat het zijn hoofdzetel naar Nederland verhuist en daarmee België verlaat. Voor die beslissing verwijst het expliciet naar de volgens het bedrijf nadelige regels om aandelenopties toe te kennen. Dat maakt het voor de techsector moeilijk om felbegeerd talent naar ons te lokken.

Eenzelfde geluid was te horen toen minister Vincent Van Peteghem (cd&v) onlangs meedeelde dat het fiscale voordeel voor auteursrechten beperkt zal worden. Ook dat is een hulpmiddel voor onder andere techbedrijven om talent aantrekkelijk te verlonen. Nog een streep door de rekening.

Maak van rechtszekerheid de essentiële rode draad doorheen de fiscale hervorming.

En dan is er het voornemen om de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor onderzoek en ontwikkeling te beperken of zelfs te bevriezen. Opnieuw zien bedrijven die inzetten op innovatie hun strijd om de beste talenten aan te trekken in een schaarse markt bemoeilijkt. Dat is ondertussen niet alleen een hoofdbreken voor wie een techbedrijf met hart en ziel wil doen groeien. Stilaan mogen we ons collectief zorgen maken om de Belgische economie.

Het is net met ingrepen zoals bovenstaande dat men de Belgische economie aantrekkelijk heeft kunnen maken voor innovatieve investeerders. De eerste, nieuwe hervormingen zijn ongetwijfeld vertrokken vanuit de beste bedoelingen, maar in de praktijk komen ze voor buitenlandse investeerders op eenzelfde boodschap neer: in België ben je van niets zeker, hier geldt geen rechtszekerheid. Cru gesteld: investeer hier maar beter niet.

Tegelijkertijd merken we dat de fiscus al geruime tijd strenger optreedt en uitzonderingen zoals hierboven strikt - en vaak blijkt na jaren procederen: té strikt - interpreteert. Dat versterkt alleen maar het probleem van de wankele rechtszekerheid in België. Als je een wetgeving strikt wil toepassen, dan moet de wetgeving ook duidelijk zijn. In de plaats van daar een oplossing voor te zoeken, wordt het tegendeel bereikt door de fiscale verjaringstermijnen nog eens uit te breiden. Zolang er geen globale visie bestaat die gedragen wordt door een politieke eensgezindheid, zullen ook de aangekondigde hervormingen verder zorgen voor onduidelijke wetgeving en een precair ondernemersklimaat.

De belastingbetaler, zowel de talentvolle werknemer als de moedige ondernemer, moet duidelijk weten waar hij of zij aan toe is, en zeker niet pas na jaren procederen. Gunstmaatregelen introduceren en ze na verloop van tijd weer afschaffen, is het tegendeel van duidelijkheid en rechtszekerheid. Denk maar aan de notionele-intrestaftrek, ooit een goed werkende gunstmaatregel die gaandeweg werd uitgedoofd. Laten we die fout niet opnieuw maken.

Het heeft tijd gekost om een imago op te bouwen voor België, als een plek waar je moet zijn om te investeren in innovatie. Met een ondoordachte hervorming kunnen we dat zo weer kwijt zijn en schieten we onszelf in de voet. De manier om niet in die val te trappen? Maak van rechtszekerheid de essentiële rode draad doorheen de fiscale hervorming.

De fiscale wetgeving wordt hervormd. Dat is ook nodig, daar is iedereen het over eens. Het is voor de federale regering niettemin geen sinecure om een heldere lijn in dat kluwen aan te brengen. De eerste kleine stappen worden momenteel genomen, maar wat blijkt? De eerste initiatieven lijken de fiscale onzekerheid voor de Belgische bedrijfswereld alleen maar te versterken. Als de regering niet oplet, dan bereikt ze het tegenovergestelde van wat ze wil. Dan verliest België economische aantrekkingskracht.Er gaat geen week voorbij of een nieuw alarmlichtje op ons economische dashboard licht rood op. De bigdataspeler Collibra kondigde aan dat het zijn hoofdzetel naar Nederland verhuist en daarmee België verlaat. Voor die beslissing verwijst het expliciet naar de volgens het bedrijf nadelige regels om aandelenopties toe te kennen. Dat maakt het voor de techsector moeilijk om felbegeerd talent naar ons te lokken.Eenzelfde geluid was te horen toen minister Vincent Van Peteghem (cd&v) onlangs meedeelde dat het fiscale voordeel voor auteursrechten beperkt zal worden. Ook dat is een hulpmiddel voor onder andere techbedrijven om talent aantrekkelijk te verlonen. Nog een streep door de rekening.En dan is er het voornemen om de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor onderzoek en ontwikkeling te beperken of zelfs te bevriezen. Opnieuw zien bedrijven die inzetten op innovatie hun strijd om de beste talenten aan te trekken in een schaarse markt bemoeilijkt. Dat is ondertussen niet alleen een hoofdbreken voor wie een techbedrijf met hart en ziel wil doen groeien. Stilaan mogen we ons collectief zorgen maken om de Belgische economie.Het is net met ingrepen zoals bovenstaande dat men de Belgische economie aantrekkelijk heeft kunnen maken voor innovatieve investeerders. De eerste, nieuwe hervormingen zijn ongetwijfeld vertrokken vanuit de beste bedoelingen, maar in de praktijk komen ze voor buitenlandse investeerders op eenzelfde boodschap neer: in België ben je van niets zeker, hier geldt geen rechtszekerheid. Cru gesteld: investeer hier maar beter niet.Tegelijkertijd merken we dat de fiscus al geruime tijd strenger optreedt en uitzonderingen zoals hierboven strikt - en vaak blijkt na jaren procederen: té strikt - interpreteert. Dat versterkt alleen maar het probleem van de wankele rechtszekerheid in België. Als je een wetgeving strikt wil toepassen, dan moet de wetgeving ook duidelijk zijn. In de plaats van daar een oplossing voor te zoeken, wordt het tegendeel bereikt door de fiscale verjaringstermijnen nog eens uit te breiden. Zolang er geen globale visie bestaat die gedragen wordt door een politieke eensgezindheid, zullen ook de aangekondigde hervormingen verder zorgen voor onduidelijke wetgeving en een precair ondernemersklimaat.De belastingbetaler, zowel de talentvolle werknemer als de moedige ondernemer, moet duidelijk weten waar hij of zij aan toe is, en zeker niet pas na jaren procederen. Gunstmaatregelen introduceren en ze na verloop van tijd weer afschaffen, is het tegendeel van duidelijkheid en rechtszekerheid. Denk maar aan de notionele-intrestaftrek, ooit een goed werkende gunstmaatregel die gaandeweg werd uitgedoofd. Laten we die fout niet opnieuw maken.Het heeft tijd gekost om een imago op te bouwen voor België, als een plek waar je moet zijn om te investeren in innovatie. Met een ondoordachte hervorming kunnen we dat zo weer kwijt zijn en schieten we onszelf in de voet. De manier om niet in die val te trappen? Maak van rechtszekerheid de essentiële rode draad doorheen de fiscale hervorming.