Het Rekenhof ging na hoe de fiscus zijn controleacties in de personenbelasting organiseert. Door te werken met een centrale selectie en een onderverdeling in risicoprofielen, garandeert de fiscus "in principe" dat "alle belastingplichtigen met eenzelfde risicoprofiel theoretisch evenveel kans hebben om geselecteerd te worden voor controle", bevestigt het Rekenhof.

Het hof stelde echter vast "dat de kans om effectief gecontroleerd te worden sterk afhing van de controlecapaciteit van de lokale controledienst van de betrokken belastingplichtige".De belastingdienst moet er dus over waken dat de controlecapaciteit objectief en evenwichtig word verdeeld over de operationele diensten in het hele land.

Het Rekenhof noemt het daarom "essentieel" dat de beschikbare capaciteit voldoende snel - "maandelijks" - aangepast wordt in de toepassing die de beschikbaarheden registreert, zodat de directie voldoende snel kan ingrijpen bij dreigende ontsporingen.

Daarnaast staat het Rekenhof vooral stil bij de toepassing die werd ontwikkeld voor het beheer van de controles en de digitalisering van de controledossiers. Die toepassing kan beter, aldus de instelling. Gebrek aan performantie en gebruiksvriendelijkheid maken dat de richtlijnen voor het gebruik onvoldoende gevolgd worden, waardoor ook de beoogde digitalisering van de controledossiers nog niet gerealiseerd is. (Belga)