De bankencrisis heeft ervoor gezorgd dat België met frisse tegenzin bankaandelen in zijn bezit kreeg. Er is niet alleen de staatsbank Belfius, de Belgische staat heeft ook een belang van 10,3 procent in de Franse bank BNP Paribas. Daarmee is ons land de grootste individuele aandeelhouder van BNP Paribas. Die deelnemingen leveren voor de begroting een meevaller van formaat op. Zo keert de Franse bank een dividend van 346 miljoen uit, en Belfius een van 200 miljoen euro. Dat is aardig meegenomen in deze barre budgettaire tijden.

Dat weten beleggers al langer. Dividenden zijn voor velen een welgekomen aanvulling op hun loon of hun pensioen. Onverwachte kosten kunnen zo geen gat slaan in hun gezinsbudget. Meer zelfs: als ze met de dividenden aandelen kopen die op zich weer dividenden opleveren, bouwen ze pas echt een vermogen op. Dat is het principe van de samengestelde intrest of de intrest op intrest. Albert Einstein noemde dat sneeuwbaleffect het achtste wereldwonder.

Beleggen in dividendaandelen is dus slim, zeker als die dividenden geduldig worden herbelegd. Ook de overheid ziet dat graag gebeuren. Zij is de lachende derde, want die dividenden worden zwaar belast. De aandelenbeleggers hebben de voorbije jaren de begrotingsputten gedempt door de achtereenvolgende verhogingen van roerende voorheffing en de beursbelasting. Intussen kun je rustig stellen dat dividenden het zwaarst belaste inkomen is in België.

Het beeld wordt ietwat vertroebeld door het nominale belastingtarief. Dat is voor dividenden 30 procent en voor het arbeidsinkomen tot 50 procent. Op het eerste gezicht zou je zeggen dat arbeidsinkomsten zwaarder worden belast. De Belgische belastingdruk op arbeid - zeker met de impact van de socialezekerheidsbijdragen - behoort tot de hoogste van de OESO. Maar dat geldt ook voor dividenden.

"In België gaat de belastingdruk voorbij de grenzen van de beschaving"

Het tarief van de belasting mag dan lager liggen, maar anders dan het arbeidsinkomen worden dividenden bruto belast. Je mag de kosten die je maakt - het bewaar- en het beheerloon, de beursbelasting enzovoort - niet aftrekken. Zelfs als de kosten van de dividendbelegger hoger zijn of als hij een enorm verlies in zijn portefeuille heeft geleden, betaalt hij nog altijd 30 procent belasting op de ontvangen dividenden. Voor het arbeidsinkomen gelden dan nog eens progressieve tarieven en allerlei voordelen - zoals het huwelijksquotiënt, het meerwerkinkomen, en de aftrek van giften of de kinderoppas.

Los van dat onderscheid moet worden gekeken naar de totale belastingdruk die een inkomen ondergaat. Dat is voor een loon maximaal 50 procent. De werkgever mag het loon aftrekken van zijn omzet, net zoals de andere kosten die hij maakt. Maar dat is niet zo voor een dividend. Dividenden zijn niet fiscaal aftrekbaar voor een vennootschap. En dan is er nog de vennootschapsbelasting. Die bedraagt nu afgerond 34 procent. De gecombineerde belastingdruk op Belgische dividenden bedraagt dus 54 procent. Van de 100 euro winst die een bedrijf maakt, vloeit 54 procent naar de Belgische staat. Er schiet amper 46 procent over voor de aandeelhouder. Bij een buitenlands dividend is het nog schrijnender. Als we uitgaan van dezelfde tarieven van de vennootschapsbelasting en de roerende voorheffing, bedraagt de belastingdruk daar 68 procent. De aandeelhouder blijft bekaaid achter met 32 procent netto.

Dit is geen pleidooi voor een omgekeerde taxshift, maar wel een oproep voor een eerlijk belastingdebat. België spant mondiaal de kroon als het gaat om de belasting op arbeid en kapitaal. Iedereen betaalt te veel belasting in dit land. De belastingen moeten naar beneden en de overheid moet leren binnen het beschikbare budget te werken. Voor dividenden hoeft het tarief van roerende voorheffing niet meteen worden verlaagd. Het kan ook door de gemaakte kosten aftrekbaar te maken. Een ander denkspoor is de verlaging van de vennootschapsbelasting. Daardoor neemt de belastingdruk op het dividend af.

De Duitse componist Richard Wagner had gelijk: belastingen zijn de prijs van de beschaving, in het oerwoud bestaan ze niet. Maar in België gaat de belastingdruk voorbij de grenzen van de beschaving. Een goede herder scheert zijn schapen, maar vilt ze niet.