Een fiscaal interessante en eenvoudige techniek om successierechten te vermijden is ervoor te zorgen dat je in je testament veel erfgenamen aanduidt. Want hoe meer erfgenamen er zijn, hoe meer pakketjes er zijn, waardoor je de opklimmende tarieven van de successierechten doorbreekt. Deze techniek wordt door juristen vaak een 'divide-et-impera-testament' genoemd maar we zouden dit kunnen vertalen door 'hoe meer zielen, hoe meer fiscale vreugde'.

Vooral met kinderen en kleinkinderen

Deze techniek wordt vaak gebruikt tussen ouders, kinderen en kleinkinderen. De ouders laten via hun testament ook een stuk van hun vermogen na aan de kleinkinderen.

Kortom, niet alleen de kinderen erven, maar ook de kleinkinderen, zodat er in het totaal meer erfgenamen zijn. Daardoor zijn er ook meer pakketjes die telkens terug in de lagere tariefschijven van de successierechten belast worden. De techniek is in principe ook fiscaal interessant met broers en zussen, maar we merken dat dit in de praktijk minder vaak voorkomt.

Ook voor neven en nichten?

Doorgaans is dat niet het geval. Deze techniek is in Vlaanderen en Brussel fiscaal gezien niet interessant voor bijvoorbeeld een suikertante die in haar testament veel neven en nichtjes aanduidt als erfgenamen.

Het tarief wordt immers niet toegepast per verkrijger, maar alle erfdelen van de neven en nichtjes worden eerst samengevoegd en op die volledige nalatenschap wordt het toepasselijke tarief berekend. Dat geldt ook voor niet-verwante personen. In Wallonië wordt er echter niet 'gegroepeerd' en daar is deze techniek met andere woorden wél interessant.