De federale begroting zit in het sukkelstraatje. We hobbelen de jongste tien jaar van het ene tekort naar het andere. Centrumlinks of centrumrechts, het maakt niets uit. Voor de verkiezingen riep Bart De Wever " show me the money". Een begroting in evenwicht was gepland voor 2018. Maar eens te meer lukt het niet evenveel of minder uit te geven dan er binnenkomt. Het evenwicht zou er kunnen komen tegen 2022. Intussen loopt het structurele tekort op tot bijna 8,5 miljard euro. Als de nieuwe regering niet snel ingrijpt, loopt het tekort zelfs op tot 11 miljard euro in 2021.

Er moet daadkrachtig en moedig gesaneerd worden.

Daarmee wordt de volgende regering een flinke pad in de korf gezet. Grote inspanningen zullen opnieuw nodig zijn. Het scenario ligt vast. Na verschillende nachtelijke vergaderingen en een aantal dramatische plotwendingen, kondigt de nieuwe premier van België om vijf uur 's morgens het akkoord via Twitter aan. De kaasschaaf op de uitgaven, investeringen uitstellen en enkele belastingen gaan omhoog.

Het uitstellen van investeringen, maar vooral de kaasschaaf is a death by a thousand cuts. De hele overheid bespaart lineair. Of het een goed werkend departement of een kerntaak betreft, iedereen wordt blind getroffen. De tijd dat zoiets onzichtbaar kon, is voorbij. We krijgen steeds vaker en zichtbaarder de rekening gepresenteerd. Dat gebeurt in de vorm van instortende tunnels, kwaliteitsverval in het onderwijs, langere wachtrijen in de gehandicaptenzorg, een belabberde dienstverlening, veel ziekteverzuim bij de overheid, de malaise bij de politiediensten, desinvesteringen in het leger, treinen die vaker met dan zonder vertraging rijden, enzovoort.

Dat blind besparen moet stoppen. Met vijf minuten politieke moed kan slim worden bespaard. Dat kan bijvoorbeeld door de afschaffing van de Senaat en de provincies, een fusie van de negentien Brusselse gemeentes, homogenere bevoegdheidspakketten, enzovoort. Slim besparen kan ook door enkel nog in te zetten op kerntaken (onderwijs, veiligheid, sociale zekerheid, gezondheidszorg, enzovoort). We moeten af van het idee dat de overheid werkelijk voor alles verantwoordelijk is. Alles wat geen kerntaak is, moet door de privésector worden overgenomen.

Eerder dan na te denken over welke burger het gelag zal betalen, zou de politiek moeten inzien dat ze de financiële huishouding van de staat op orde moet zetten.

Maar kiezen is verliezen. En dus worden daadkrachtige ingrepen steevast overgelaten aan de volgende regering. Zolang de politieke klasse in die logica gevangen zit, moeten er ook almaar nieuwe belastingen komen. Zo hebben we er de jongste jaren al veel de revue zien passeren. Denk maar aan de effectentaks, btw-verhogingen, beurstaksen, accijnzen, roerende voorheffing, de kaaimantaks of de speculatietaks.

Dat zal na de vorming van de nieuwe federale regering niet anders zijn. De spaarders mogen vrezen. Zij kunnen via het spaarboekje nog van een tarief van 15 procent genieten. Alle anderen moeten 30 procent betalen. Bovendien kunnen zij genieten van een vrijstelling van 980 euro. Ook de auteurs komen in het schootsveld van belastingverhogingen. Auteursrechten zijn slechts belast tegen 15 procent. Bovendien krijgt men een forfaitaire aftrek die oploopt tot 50 procent. Dat maakt dat zij amper 7,5 procent belastingen betalen. Ook de beleggers moeten weer op hun ganzen letten. Er hangt een meerwaardebelasting op aandelen in de lucht. Eigenaren van onroerend goed houden het best ook de vinger aan de pols. Zij betalen nu belasting op het lage kadastraal inkomen in plaats van op de werkelijk ontvangen huur. Dat zou weleens kunnen veranderen. Zelfs de werknemers lijken niet buiten schot te blijven. Dat bewijst de hetze tegen de salariswagen.

Maar eerder dan na te denken over welke burger het gelag zal betalen, zou de politieke klasse moeten inzien dat zij de financiële huishouding van de staat op orde moet zetten. Er moet daadkrachtig en moedig gesaneerd worden, zodat we tot een efficiënte overheid komen die zaait naar de zak. Nu kunnen we dat nog zelf beslissen. Als de rente stijgt, doet de markt het voor ons, maar dan met een sociaal bloedbad. Vraag dat maar aan de Grieken.