In de komkommertijd kan een onbelangrijk faits divers plots voorpaginanieuws worden. Dat is gebeurd met de nagelnieuwe belastingvermindering voor premies van een rechtsbijstandsverzekering. Die premie kan u voortaan een belastingvoordeel tot 124 euro opleveren. Een maximale premie van 310 euro kan worden ingebracht. De belastingvermindering is begrensd tot 40 procent van dat bedrag. De drijvende kracht achter dit nieuwe fiscale snoepje is minister van Justitie Koen Geens (CD&V). Hij wil de drempel tot justitie verlagen. Zowaar een nobele gedachte. Het kan niet ontkend worden dat ruzie maken in de rechtbank veel geld kost. Zelfs al heb je gelijk, door de kosten scheur je vaak je broek. Boven op de gewone gerechtskosten, komen de advocaten- en gerechtsdeurwaarderskosten.

Koen Geens hoopt dat meer mensen een rechtsbijstandsverzekering afsluiten als ze een belastingvermindering krijgen. Zo kan sneller juridische hulp gezocht worden. Maar wat blijkt? De belangrijkste verzekeraars hebben de premie met 120 euro verhoogd. Zo blijft netto 4 euro belastingvoordeel over. De premieverhoging wordt door de verzekeraars verantwoord door de uitbreiding van de dekking.

En zo komen we bij een wetmatigheden van de fiscaliteit. Hoe nobel een fiscaal snoepje ook bedoeld is, het is maatschappelijk contraproductief. Niet enkel verlaagt de belastingopbrengst. Het voordeel belandt vaak in de zak van iemand anders door de verhoging van de kostprijs. Ook zijn er vaak ongewilde economische gevolgen en maakt het de fiscaliteit nodeloos complex.

Dat de globale belastingopbrengst verlaagt, is evident. Dat is onverantwoord in een context van grote tekorten op de begroting. Iedereen weet dat er al een diepe put is. Die wordt nu enkel dieper gemaakt. Een korting voor enkelen, wordt betaald door alle belastingbetalers.

Een fiscaal snoepje is maatschappelijk contraproductief.

Voorts bewijst het voorbeeld van de rechtsbijstandsverzekering dat het voordeel niet altijd terechtkomt bij diegenen voor wie het bedoeld is. Dat is het geval voor vele nichebelastingvoordelen. Of het nu gaat over de vergroening, inbraakbeveiliging of pensioensparen. Het belastingvoordeel is een louter commercieel argument om de klant over de streep te trekken. Maar de winst belandt in de zakken van de commerçant.

Fiscale snoepjes kunnen ook leiden tot macro-economisch perverse effecten. Economen zijn het erover eens dat de fiscale woonbonus de prijzen van het vastgoed doet stijgen. Een maatregel die bedoeld is om woningen betaalbaar te maken, doet net het omgekeerde. En dan zou je denken dat men leert. Maar het nieuwe Brusselse regeerakkoord gaat op dat elan verder. De registratierechten zullen verlagen voor de eerste woning. Vlaams informateur Bart De Wever (N-VA) lijkt dat idee over te nemen in zijn startnota. Nu al staat vast dat die belastingverlaging enkel zal leiden tot hogere huizenprijzen. En zo belandt het voordeel van de belastingverlaging in de zak van zij die huizen verkopen. Een ander voorbeeld zijn de spaarboekjes. Als enig beleggingsproduct is het tarief van roerende voorheffing daarvoor 15 procent in plaats van 30 procent. Er is zelfs een vrijstelling van 980 euro per persoon. Uiteraard loopt iedereen dan richting spaarboekjes, met als gevolg dat er bijna 280 miljard euro dood kapitaal staat, waar veel betere zaken mee kunnen gebeuren om het land vooruit te helpen.

Tot slot leidt deze fiscaliteit tot een onontwarbaar kluwen van codes, verminderingen, vrijstellingen, tarieven, enzovoort. Een kat vindt er haar jongen niet meer in terug. Je moet al te rade gaan bij een fiscaal expert om te weten welke voordeelregimes mogelijk van toepassing zouden zijn. Daarom een pleidooi om radicaal het geweer van schouder te veranderen. Tabula rasa! Alle uitzonderingen en voordeelregimes moeten worden afgeschaft en er moet een verbod komen op nieuwe fiscale snoepjes. De politiek kan dan enkel nog morrelen aan de belastingvrije som, de tariefschalen en de tarieven. Lekker eenvoudig en niet fraudegevoelig. Nu enkel nog politici met durf die het collectieve belang en de lange termijn voor ogen hebben.