Om de discriminatie tussen getrouwde en feitelijk samenwonende koppels met buitenlandse inkomsten weg te werken, heeft de wetgever eind vorig jaar de regels voor de aanrekening van gezinslasten voor huwelijkspartners gewijzigd. De belastingvermindering voor kinderen wordt sinds 2017 niet meer automatisch toegekend aan de partner met het hoogste inkomen, maar aan die met het laagste inkomen, als dat voordeliger is. Maar wat voordeliger is, beoordeelt de wetgever op basis van een tussensaldo in de belastingberekening (de 'belasting Staat') en niet op basis van het eindsaldo. Daardoor kan de nieuwe, zogenaamd voordeligere aanrekening van de kinderen op het lagere inkomen toch nadelig zijn.

Een berekening van Tax-on-web aanbieden, zonder daarin alle regels correct te verwerken, is met vuur spelen

De pijnlijke gevolgen van die wetswijziging zijn veel omvangrijker dan de wetgever heeft ingeschat. De nieuwe berekening wordt immers toegepast voor álle getrouwde en wettelijk samenwonende koppels met kinderen, ook als ze geen buitenlandse inkomsten hebben. Voor hen zou de wetswijziging neutraal moeten zijn, maar dat is ze absoluut niet. Dat blijkt uit de talloze dossiers waarin grote verschillen worden geconstateerd tussen belastingberekeningen gemaakt met privésoftware en berekeningen met Tax-on-web. Wolters Kluwer heeft zijn software aangepast aan de wetswijziging, maar Tax-on-web heeft dat niet gedaan. De drie miljoen voorstellen van vereenvoudigde aangifte die zijn verstuurd, houden er evenmin rekening mee.

Tax-on-web rekent de gezinslasten dus nog altijd aan bij de partner met het hoogste inkomen, terwijl die aanrekening in veel gevallen conform de wet moet gebeuren op het laagste inkomen. En die aanrekening mag dan wel op het niveau van de belasting Staat het voordeligste zijn, maar dat is niet noodzakelijk het geval op het niveau van het eindsaldo van de berekening, waardoor de belastingdruk voor veel getrouwde en wettelijk samenwonende koppels stijgt met honderden, ja zelfs duizenden euro's. Dat is zo voor eenverdienergezinnen of gezinnen met een ongelijke inkomensverdeling, die fiscale uitgaven doen zoals pensioensparen of een hypotheek afbetalen. Een belastingverhoging met meer dan 2000 euro is geen uitzondering. Terwijl Tax-on-web hen nu nog een rad voor de ogen draait, wordt de rekening later dit jaar bij de vestiging van het aanslagbiljet gepresenteerd.

Denk je eens in dat dit pas aan het licht was gekomen bij de eigenlijke inkohiering van de aanslagbiljetten dit najaar

Maar zover gaat het gelukkig niet komen. Nadat ik het probleem vorige week aankaartte bij de fiscus en het kabinet van minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA), bleef de reactie niet uit. Geschrokken van de mogelijk desastreuze impact van de wetswijziging voor gezinnen met kinderen, haastte het kabinet zich aan te kondigen dat de wetswijziging retroactief wordt teruggedraaid, met een nieuwe wet later dit jaar. Finaal komt het erop neer dat de beoordeling van de voordeligste belastingberekening voor de aanrekening van de gezinslasten toch zal gebeuren op basis van het eindsaldo van de berekening, zodat de aanrekening die de fiscus kiest, ook echt de meest voordelige is.

De zaak wordt dus opgelost, en dat vanaf 2017. Eind goed, al goed. Maar denk je eens in dat dit pas aan het licht was gekomen bij de eigenlijke inkohiering van de aanslagbiljetten dit najaar, die dan tot meer dan 1000 euro konden afwijken van wat Tax-on-web of de vereenvoudigde aangiftes voorspiegelden. Die fiscale ramp, die op de valreep is vermeden voor meer dan honderdduizend gezinnen, toont nog eens aan tot welk een gevaarlijk kluwen onze personenbelasting na de laatste staatshervorming is verworden, waarvan nog slechts weinigen alle neveneffecten doorgronden. En het bewijst vooral hoe de overheid met vuur speelt als ze een berekening van Tax-on-web ter beschikking stelt, waarin niet alle berekeningsregels correct zijn verwerkt.