België is een democratie die het principe van de rechtsstaat eerbiedigt en de vrijheidsrechten respecteert, staat te lezen op de website Belgium.be. Dat is op het eerst gezicht geruststellend. Een rechtsstaat is een staat waar de macht is gereguleerd en wetten de burgers beschermen tegen de overheid. Dat impliceert dat de overheid de wetten respecteert, om willekeur te voorkomen en de rechtszekerheid en de rechtsgelijkheid te bevorderen. Dat heilige principe zou ook fiscaal moeten gelden, maar onlangs is gebleken dat de fiscale rechtsstaat hoe langer hoe meer aan het verwateren is. Dat is alarmerend.

"De fiscale rechtsstaat is hoe langer hoe meer aan het verwateren. Dat is alarmerend"

De eerste keer bleek dat door de polemiek over de excess profit rulings. Dat zijn akkoorden tussen multinationals en de fiscus, waarin wordt vastgelegd op welk deel van de winst die bedrijven in België belasting moeten betalen. Hoewel de wet uitdrukkelijk bepaalt dat fiscale rulings openbaar moeten worden gemaakt, liet minister Johan Van Overtveldt (N-VA) weten dit niet geldt voor deze rulings, omdat de fiscus anders zijn beroepsgeheim zou schenden. Dat is een regelrechte schending van de wettelijke verplichting tot transparantie, die niet acceptabel is.

Ook bij de discussie over het kadastraal inkomen bleek dat de politieke overheid en de administratie er geen probleem mee hebben wettelijke verplichtingen te negeren. Hoe jammer dat voor huiseigenaars ook is, de wet schrijft voor dat de kadastrale inkomens om de tien jaar moeten worden herzien in een perequatie. Dat is een omslachtige oefening die politiek gevoelig ligt, maar als zowel de minister van Financiën als andere leden van de regering luidkeels verkondigen dat het kadastraal inkomen niet wordt herzien, dan zeggen ze eigenlijk dat ze de wet niet willen toepassen.

De klap op de vuurpijl kwam van het Hof van Cassatie in een arrest van 22 mei 2015 over het nut van fiscaal bewijs dat bij een buitenlandse fiscale administratie werd opgevraagd door een ambtenaar die daar niet voor bevoegd was. In plaats van enkel uitspraak te doen over dit concrete geval, heeft het Hof van Cassatie in zeer algemene bewoordingen gesteld dat onrechtmatig verkregen bewijs alleen moet worden geweerd van de bewijsvoering "wanneer het bewijs is verkregen op een manier die zozeer indruist tegen hetgeen van een behoorlijk handelende overheid mag worden verwacht dat dit gebruik onder alle omstandigheden als ontoelaatbaar moet worden geacht" of nog "wanneer het recht op een eerlijk proces in het gedrang komt".

Anders gezegd laat het Hof van Cassatie verstaan dat de administratie zich bij een fiscale controle niet te veel hoeft te houden aan de wettelijke regels, zolang de fiscus het maar niet te bont maakt.

Met die uitspraak wordt een doos van Pandora geopend. Wat blijft over van de waarde van de wet als wordt geaccepteerd dat de overheid de wet niet toepast en als de rechtspraak aanvaardt dat de overheid de wet mag schenden? Een land dat zich een rechtsstaat noemt, mag dat niet accepteren. Als de burger de wet overtreedt, wordt hij bestraft. Dat principe moet ook gelden voor de overheid.

"De fiscale wet mag geen vodje papier zijn, noch voor de burger, noch voor de overheid"

Je kunt aanvaarden dat de straf van de bewijsuitsluiting in bepaalde gevallen te streng is en dat daardoor niet het volledige fiscale onderzoek moet sneuvelen. Maar helemaal geen sanctie opleggen is eveneens onaanvaardbaar. Als de wetgever voorwaarden heeft gekoppeld aan de toekenning van fiscale onderzoeksmachten, heeft hij daar redenen voor gehad. Als die voorwaarden worden miskend zonder dat dat gevolgen heeft, druist dat regelrecht in tegen de principes van de rechtsstaat. Onrechtmatige bewijsinzameling kan nog altijd worden bestraft met een schadevergoeding of met lagere fiscale sancties, maar daar rept het Hof van Cassatie niet over.

Al die voorbeelden tonen aan dat de democratie de vinger aan de pols moet houden. Als de overheid geen respect heeft voor de wet, verliest ze ook alle gezag om het respect voor de wet bij de burger af te dwingen. De fiscale wet mag geen vodje papier zijn, noch voor de burger, noch voor de overheid.

België is een democratie die het principe van de rechtsstaat eerbiedigt en de vrijheidsrechten respecteert, staat te lezen op de website Belgium.be. Dat is op het eerst gezicht geruststellend. Een rechtsstaat is een staat waar de macht is gereguleerd en wetten de burgers beschermen tegen de overheid. Dat impliceert dat de overheid de wetten respecteert, om willekeur te voorkomen en de rechtszekerheid en de rechtsgelijkheid te bevorderen. Dat heilige principe zou ook fiscaal moeten gelden, maar onlangs is gebleken dat de fiscale rechtsstaat hoe langer hoe meer aan het verwateren is. Dat is alarmerend.De eerste keer bleek dat door de polemiek over de excess profit rulings. Dat zijn akkoorden tussen multinationals en de fiscus, waarin wordt vastgelegd op welk deel van de winst die bedrijven in België belasting moeten betalen. Hoewel de wet uitdrukkelijk bepaalt dat fiscale rulings openbaar moeten worden gemaakt, liet minister Johan Van Overtveldt (N-VA) weten dit niet geldt voor deze rulings, omdat de fiscus anders zijn beroepsgeheim zou schenden. Dat is een regelrechte schending van de wettelijke verplichting tot transparantie, die niet acceptabel is.Ook bij de discussie over het kadastraal inkomen bleek dat de politieke overheid en de administratie er geen probleem mee hebben wettelijke verplichtingen te negeren. Hoe jammer dat voor huiseigenaars ook is, de wet schrijft voor dat de kadastrale inkomens om de tien jaar moeten worden herzien in een perequatie. Dat is een omslachtige oefening die politiek gevoelig ligt, maar als zowel de minister van Financiën als andere leden van de regering luidkeels verkondigen dat het kadastraal inkomen niet wordt herzien, dan zeggen ze eigenlijk dat ze de wet niet willen toepassen.De klap op de vuurpijl kwam van het Hof van Cassatie in een arrest van 22 mei 2015 over het nut van fiscaal bewijs dat bij een buitenlandse fiscale administratie werd opgevraagd door een ambtenaar die daar niet voor bevoegd was. In plaats van enkel uitspraak te doen over dit concrete geval, heeft het Hof van Cassatie in zeer algemene bewoordingen gesteld dat onrechtmatig verkregen bewijs alleen moet worden geweerd van de bewijsvoering "wanneer het bewijs is verkregen op een manier die zozeer indruist tegen hetgeen van een behoorlijk handelende overheid mag worden verwacht dat dit gebruik onder alle omstandigheden als ontoelaatbaar moet worden geacht" of nog "wanneer het recht op een eerlijk proces in het gedrang komt". Anders gezegd laat het Hof van Cassatie verstaan dat de administratie zich bij een fiscale controle niet te veel hoeft te houden aan de wettelijke regels, zolang de fiscus het maar niet te bont maakt.Met die uitspraak wordt een doos van Pandora geopend. Wat blijft over van de waarde van de wet als wordt geaccepteerd dat de overheid de wet niet toepast en als de rechtspraak aanvaardt dat de overheid de wet mag schenden? Een land dat zich een rechtsstaat noemt, mag dat niet accepteren. Als de burger de wet overtreedt, wordt hij bestraft. Dat principe moet ook gelden voor de overheid. Je kunt aanvaarden dat de straf van de bewijsuitsluiting in bepaalde gevallen te streng is en dat daardoor niet het volledige fiscale onderzoek moet sneuvelen. Maar helemaal geen sanctie opleggen is eveneens onaanvaardbaar. Als de wetgever voorwaarden heeft gekoppeld aan de toekenning van fiscale onderzoeksmachten, heeft hij daar redenen voor gehad. Als die voorwaarden worden miskend zonder dat dat gevolgen heeft, druist dat regelrecht in tegen de principes van de rechtsstaat. Onrechtmatige bewijsinzameling kan nog altijd worden bestraft met een schadevergoeding of met lagere fiscale sancties, maar daar rept het Hof van Cassatie niet over.Al die voorbeelden tonen aan dat de democratie de vinger aan de pols moet houden. Als de overheid geen respect heeft voor de wet, verliest ze ook alle gezag om het respect voor de wet bij de burger af te dwingen. De fiscale wet mag geen vodje papier zijn, noch voor de burger, noch voor de overheid.