De regering-De Croo zit stilaan in haar finale en dat leidt tot zenuwachtigheid. De oppositie blijft er maar op hameren dat de meerderheid weinig heeft gerealiseerd. Om het tegendeel te bewijzen heeft premier Alexander De Croo (Open Vld) in het voorjaar van 2023 hervormingen aangekondigd in de pensioenen, de arbeidsmarkt en de fiscaliteit. Minister van Financiën Vincent Van Peteghem (cd&v) heeft kort na de zomer een blauwdruk voor een bredere fiscale hervorming voorgesteld - een plan voor een lagere, eerlijkere en modernere fiscaliteit.

Het plan van Van Peteghem bevat enkele interessante uitgangspunten. Het is noodzakelijk om de belastingdruk op arbeid te verlagen. Van Peteghem wil de belastingvrije som verhogen en de progressieve tarieven in de personenbelasting verlagen. Hij denkt aan een belasting op de reële huurinkomsten en op de meerwaarde van zowel aandelen als onroerende goederen. Om de fiscaliteit te vergroenen overweegt hij de fiscale ondersteuning van een bedrijfswagenpark met een nuluitstoot. Die denksporen zijn slechts relevant als er een politiek compromis over kan worden gesloten, temeer omdat het plan nog heel wat onduidelijkheden en zelfs tegenstrijdigheden bevat.

De fiscale hervorming, een utopie?

Zo is er de budgettaire problematiek. De verlaging van de belastingdruk op arbeid kost de begroting maar liefst 10 miljard euro. Dat moet gecompenseerd worden, waarvoor wordt gerekend op de hervorming van fiscale voordelen zoals die op de auteursrechten en cafetariaplannen en op economische terugverdieneffecten. Maar dat blijft erg flou. De vraag is of de rekening klopt, want de begroting laat geen marge voor nog grotere tekorten. De budgettaire haalbaarheid is dan ook een belangrijk struikelblok voor het hervormingsplan.

Daarnaast is het plan-Van Peteghem op bepaalde vlakken niet consequent. Zo voorziet het plan in een belastingvrije som van 13.390 euro voor arbeidsinkomsten en 6.000 euro voor vermogensinkomsten. Dat betekent dat wie enkel werkt en geen vermogen heeft dat inkomsten oplevert, een belastingvrijstelling van 13.390 euro geniet, terwijl belastingplichtigen die werken en wel een vermogen hebben, een belastingvrijstelling van 19.390 euro krijgen. Is dat eerlijk? En is het überhaupt eerlijk vast te houden aan het bestaande systeem dat arbeidsinkomsten progressief belast en vermogensinkomsten aan vaste tarieven onderwerpt?

Tot slot moeten we naast de budgettaire gevolgen ook rekening houden met de sociaaleconomische impact van de hervormingsplannen. Wat zal bijvoorbeeld de impact op de huurmarkt zijn als de regering een belasting op de reële huurinkomsten invoert? Is dat onderzocht? Hetzelfde kun je zeggen van de economische impact van een meerwaardebelasting op aandelen. Van Peteghem wil ook de fiscale aftrek van onderhoudsgelden afschaffen, waardoor het risico bestaat dat het aantal vechtscheidingen weer toeneemt. Is daarover nagedacht? En wat te zeggen van het verleggen van de 50 procentschijf in de personenbelasting van 42.000 naar 84.000 euro, wat een substantieel voordeel is voor de hoogste inkomens. Het recente politieke debacle in het Verenigd Koninkrijk, waar toenmalig premier Liz Truss een soortgelijke hervorming wilde invoeren, heeft aangetoond dat dit maatschappelijk niet zo evident is. Beseft de regering dat wel?

Ondanks alle goede bedoelingen zijn er nog heel wat issues die de politieke haalbaarheid van het plan-Van Peteghem hypothekeren. Tenzij u gelooft dat de liberale familie een belasting op werkelijke huurinkomsten en een meerwaardebelasting op aandelen zal accepteren, en de socialisten zich zullen neerleggen bij een belastingverlaging voor de hoogste inkomens.

De regering-De Croo zit stilaan in haar finale en dat leidt tot zenuwachtigheid. De oppositie blijft er maar op hameren dat de meerderheid weinig heeft gerealiseerd. Om het tegendeel te bewijzen heeft premier Alexander De Croo (Open Vld) in het voorjaar van 2023 hervormingen aangekondigd in de pensioenen, de arbeidsmarkt en de fiscaliteit. Minister van Financiën Vincent Van Peteghem (cd&v) heeft kort na de zomer een blauwdruk voor een bredere fiscale hervorming voorgesteld - een plan voor een lagere, eerlijkere en modernere fiscaliteit. Het plan van Van Peteghem bevat enkele interessante uitgangspunten. Het is noodzakelijk om de belastingdruk op arbeid te verlagen. Van Peteghem wil de belastingvrije som verhogen en de progressieve tarieven in de personenbelasting verlagen. Hij denkt aan een belasting op de reële huurinkomsten en op de meerwaarde van zowel aandelen als onroerende goederen. Om de fiscaliteit te vergroenen overweegt hij de fiscale ondersteuning van een bedrijfswagenpark met een nuluitstoot. Die denksporen zijn slechts relevant als er een politiek compromis over kan worden gesloten, temeer omdat het plan nog heel wat onduidelijkheden en zelfs tegenstrijdigheden bevat. Zo is er de budgettaire problematiek. De verlaging van de belastingdruk op arbeid kost de begroting maar liefst 10 miljard euro. Dat moet gecompenseerd worden, waarvoor wordt gerekend op de hervorming van fiscale voordelen zoals die op de auteursrechten en cafetariaplannen en op economische terugverdieneffecten. Maar dat blijft erg flou. De vraag is of de rekening klopt, want de begroting laat geen marge voor nog grotere tekorten. De budgettaire haalbaarheid is dan ook een belangrijk struikelblok voor het hervormingsplan. Daarnaast is het plan-Van Peteghem op bepaalde vlakken niet consequent. Zo voorziet het plan in een belastingvrije som van 13.390 euro voor arbeidsinkomsten en 6.000 euro voor vermogensinkomsten. Dat betekent dat wie enkel werkt en geen vermogen heeft dat inkomsten oplevert, een belastingvrijstelling van 13.390 euro geniet, terwijl belastingplichtigen die werken en wel een vermogen hebben, een belastingvrijstelling van 19.390 euro krijgen. Is dat eerlijk? En is het überhaupt eerlijk vast te houden aan het bestaande systeem dat arbeidsinkomsten progressief belast en vermogensinkomsten aan vaste tarieven onderwerpt? Tot slot moeten we naast de budgettaire gevolgen ook rekening houden met de sociaaleconomische impact van de hervormingsplannen. Wat zal bijvoorbeeld de impact op de huurmarkt zijn als de regering een belasting op de reële huurinkomsten invoert? Is dat onderzocht? Hetzelfde kun je zeggen van de economische impact van een meerwaardebelasting op aandelen. Van Peteghem wil ook de fiscale aftrek van onderhoudsgelden afschaffen, waardoor het risico bestaat dat het aantal vechtscheidingen weer toeneemt. Is daarover nagedacht? En wat te zeggen van het verleggen van de 50 procentschijf in de personenbelasting van 42.000 naar 84.000 euro, wat een substantieel voordeel is voor de hoogste inkomens. Het recente politieke debacle in het Verenigd Koninkrijk, waar toenmalig premier Liz Truss een soortgelijke hervorming wilde invoeren, heeft aangetoond dat dit maatschappelijk niet zo evident is. Beseft de regering dat wel? Ondanks alle goede bedoelingen zijn er nog heel wat issues die de politieke haalbaarheid van het plan-Van Peteghem hypothekeren. Tenzij u gelooft dat de liberale familie een belasting op werkelijke huurinkomsten en een meerwaardebelasting op aandelen zal accepteren, en de socialisten zich zullen neerleggen bij een belastingverlaging voor de hoogste inkomens.