In maart vorig jaar schreef ik over het effect van de lockdown op de belastbaarheid van bezoldigingen in een grensoverschrijdende context. Ik kon toen niet vermoeden dat ik meer dan één jaar later nog altijd over fiscale covidmaatregelen zou schrijven. Jammer genoeg blijft het actueel. Eerder deze maand werden opnieuw tijdelijke ondersteuningsmaatregelen genomen om negatieve financiële gevolgen van de pandemie op te vangen. Ook dit jaar valt een nieuwe fiscale koterij ons te beurt, weliswaar gelijkaardig als vorig jaar. Wie tussen 1 januari en 31 augustus van dit jaar geld ter beschikking stelt aan ondernemingen die hun omzet sterk hebben zien dalen, krijgt een belastingvermindering van 20 procent.

Kappers zitten werkloos te staren. De horeca kan hooguit via take-away de schone schijn wat ophouden. Professionele dansscholen zijn dan wel overgestapt naar onlinelessen, met beschadigde parketvloeren thuis tot gevolg, maar de omzet keldert. De lijst van ondernemers met omzetverlies is eindeloos. De overheidsschuld explodeert, maar de berg spaargeld bij de burgers zwelt aan. Omdat de overheid nog nauwelijks ruimte heeft, mobiliseert zij u, in ruil voor een belastingvoordeel.

Beleg in uw vennootschap en haal 4 procent rendement.

Als u in de eerste acht maanden van dit jaar het kapitaal verhoogt van een vennootschap met een omzetverlies van minstens 30 procent in de periode van 2 november 2020 tot 31 december 2020 in vergelijking met dezelfde periode in 2019, krijgt u een belastingvermindering van 20 procent. De vennootschap moet klein zijn: niet meer dan vijftig werknemers, een omzet lager dan 9 miljoen euro en een balanstotaal van minder dan 4,5 miljoen euro. Het mag ook niet gaan om een vennootschap die hoofdzakelijk belegt in onroerend goed of die voornamelijk management- of bestuurdersactiviteiten uitvoert. Noteer dat u ook mag beleggen in een vennootschap in een ander land van de Europese Unie. Dus Sven Ornelis, spreek eens met uw lievelingsrestaurant in Barcelona en suggereer dat u mee kan participeren. De Belgische schatkist zal u voor 20 procent financieren.

Er zijn wel kwantitatieve grenzen. De vennootschap mag niet voor meer dan 250.000 euro ondersteund worden. En de inbrenger kan niet meer dan 100.000 euro als kapitaal inbrengen. De belastingvermindering kan dus maximaal 20.000 euro bedragen. Het ingebracht geld mag gedurende zestig maanden niet gebruikt worden om dividenden uit keren, het kapitaal te verminderen, voor het aankopen van aandelen of voor het geven van leningen. Met andere woorden, het geld moet dienen voor reële ondernemingsactiviteiten.

Er wordt van de belastingplichtige verwacht dat hij of zij de aandelen die men in ruil voor de kapitaalverhoging heeft gekregen vijf jaar lang in bezit houdt. Dus niet verkopen en niet wegschenken. Enkel bij overlijden vervalt dit. Op dat moment kunnen de erfgenamen er vrij over beschikken. Indien de aandelen toch zouden worden vervreemd, zal er voor dat jaar een vermeerdering van de belasting zijn ten belope van één zestigste van de belastingvermindering vermenigvuldigd met het aantal maanden die nog moeten lopen om de zestig maanden vol te maken.

Niets belet dat de eigenaar van de vennootschap zelf of de bedrijfsleider ervan de investering doet. Ook voor echtgenoten of kinderen van de ondernemer is er geen beletsel. Beleggen bij zichzelf of bij de eigen familie kan dus en dat met een onmiddellijke belastingvermindering van 20 procent. Dat leidt dus tot een rendement van 4 procent op jaarbasis. Wie gelooft in zijn eigen onderneming, en al zeker als hij weet dat er geen enkel risico op verlies is, aarzelt toch niet? Wees ervan overtuigd, er zal vooral in veilige, levensvatbare bedrijven worden geïnvesteerd.

En trouwens, mijn voortdurende oproep om bij iedere nieuwe fiscale koterij er tegelijk twee nutteloze af te schaffen, valt ook nu weer op een koude steen.

In maart vorig jaar schreef ik over het effect van de lockdown op de belastbaarheid van bezoldigingen in een grensoverschrijdende context. Ik kon toen niet vermoeden dat ik meer dan één jaar later nog altijd over fiscale covidmaatregelen zou schrijven. Jammer genoeg blijft het actueel. Eerder deze maand werden opnieuw tijdelijke ondersteuningsmaatregelen genomen om negatieve financiële gevolgen van de pandemie op te vangen. Ook dit jaar valt een nieuwe fiscale koterij ons te beurt, weliswaar gelijkaardig als vorig jaar. Wie tussen 1 januari en 31 augustus van dit jaar geld ter beschikking stelt aan ondernemingen die hun omzet sterk hebben zien dalen, krijgt een belastingvermindering van 20 procent.Kappers zitten werkloos te staren. De horeca kan hooguit via take-away de schone schijn wat ophouden. Professionele dansscholen zijn dan wel overgestapt naar onlinelessen, met beschadigde parketvloeren thuis tot gevolg, maar de omzet keldert. De lijst van ondernemers met omzetverlies is eindeloos. De overheidsschuld explodeert, maar de berg spaargeld bij de burgers zwelt aan. Omdat de overheid nog nauwelijks ruimte heeft, mobiliseert zij u, in ruil voor een belastingvoordeel.Als u in de eerste acht maanden van dit jaar het kapitaal verhoogt van een vennootschap met een omzetverlies van minstens 30 procent in de periode van 2 november 2020 tot 31 december 2020 in vergelijking met dezelfde periode in 2019, krijgt u een belastingvermindering van 20 procent. De vennootschap moet klein zijn: niet meer dan vijftig werknemers, een omzet lager dan 9 miljoen euro en een balanstotaal van minder dan 4,5 miljoen euro. Het mag ook niet gaan om een vennootschap die hoofdzakelijk belegt in onroerend goed of die voornamelijk management- of bestuurdersactiviteiten uitvoert. Noteer dat u ook mag beleggen in een vennootschap in een ander land van de Europese Unie. Dus Sven Ornelis, spreek eens met uw lievelingsrestaurant in Barcelona en suggereer dat u mee kan participeren. De Belgische schatkist zal u voor 20 procent financieren.Er zijn wel kwantitatieve grenzen. De vennootschap mag niet voor meer dan 250.000 euro ondersteund worden. En de inbrenger kan niet meer dan 100.000 euro als kapitaal inbrengen. De belastingvermindering kan dus maximaal 20.000 euro bedragen. Het ingebracht geld mag gedurende zestig maanden niet gebruikt worden om dividenden uit keren, het kapitaal te verminderen, voor het aankopen van aandelen of voor het geven van leningen. Met andere woorden, het geld moet dienen voor reële ondernemingsactiviteiten.Er wordt van de belastingplichtige verwacht dat hij of zij de aandelen die men in ruil voor de kapitaalverhoging heeft gekregen vijf jaar lang in bezit houdt. Dus niet verkopen en niet wegschenken. Enkel bij overlijden vervalt dit. Op dat moment kunnen de erfgenamen er vrij over beschikken. Indien de aandelen toch zouden worden vervreemd, zal er voor dat jaar een vermeerdering van de belasting zijn ten belope van één zestigste van de belastingvermindering vermenigvuldigd met het aantal maanden die nog moeten lopen om de zestig maanden vol te maken. Niets belet dat de eigenaar van de vennootschap zelf of de bedrijfsleider ervan de investering doet. Ook voor echtgenoten of kinderen van de ondernemer is er geen beletsel. Beleggen bij zichzelf of bij de eigen familie kan dus en dat met een onmiddellijke belastingvermindering van 20 procent. Dat leidt dus tot een rendement van 4 procent op jaarbasis. Wie gelooft in zijn eigen onderneming, en al zeker als hij weet dat er geen enkel risico op verlies is, aarzelt toch niet? Wees ervan overtuigd, er zal vooral in veilige, levensvatbare bedrijven worden geïnvesteerd.En trouwens, mijn voortdurende oproep om bij iedere nieuwe fiscale koterij er tegelijk twee nutteloze af te schaffen, valt ook nu weer op een koude steen.