Duitse centrale bank wil pensioenleeftijd optrekken naar 69 jaar

16/08/16 om 13:55 - Bijgewerkt om 13:55

De Duitse centrale bank heeft een studie gepubliceerd waarin ze concludeert dat de pensioenleeftijd op termijn naar 69 jaar moet. De politiek ziet zo'n maatregel niet zitten.

Duitse centrale bank wil pensioenleeftijd optrekken naar 69 jaar

© iStock

Momenteel wordt de pensioenleeftijd in Duitsland stap voor stap opgetrokken naar 67 jaar, net als in België. Daarbij wil de regering-Merkel de door werknemers betaalde pensioenpremie begrenzen op 22% van het brutoloon, terwijl het ontvangen pensioen de komende vijftien jaar niet onder de 43% van het modale inkomen mag zakken. Dat meldt het Financieele Dagblad.

De Bundesbank, de nationale bank van Duitsland, noemt dat onrealistisch. Er zijn namelijk steeds minder werkenden in verhouding tot pensioengerechtigden, ook al moeten mensen steeds langer werken. Om de pensioenen op peil te houden, zijn aanpassingen volgens de centrale bank 'onvermijdelijk'. Dat betekent dat jonge werkenden er rekening mee moeten houden dat ze pas op hun 69ste met pensioen kunnen.

Duitsland is een van de meest vergrijsde landen. Meer dan een kwart van de Duitsers was in 2015 gepensioneerd. De Bondsrepubliek heeft daarbij een pensioenstelsel dat traditioneel in hoge mate leunt op een overheidsuitkering.

Al langer is duidelijk dat dit systeem op termijn onhoudbaar is. Toch is de kans klein dat de regering van bondskanselier Angela Merkel dat advies in daden gaat omzetten. Volgend jaar zijn het immers parlementsverkiezingen in Duitsland en geen enkele partij wil dan ook nu verantwoordelijk zijn voor een onpopulaire verhoging van de pensioenleeftijd.

Daarom worden Duitsers sinds begin deze eeuw aangemoedigd om deels zelf voor hun pensioen te zorgen via bedrijfspensioenen en particuliere polissen te sparen. In de praktijk blijkt dit veel te weinig te gebeuren, onder meer omdat de aangeboden regelingen te duur zouden zijn. (JVL)

Onze partners